Grenzen aan vrijwilligerswerk

Introductie

Wat mogen vrijwilligers doen in de verblijfszorg en wat doen beroepskrachten? Juridisch zijn er geen beperkingen, organisaties bepalen dat zelf.

Soms zijn de grenzen strikt vastgesteld vanwege angst voor aansprakelijkheid. Soms zijn ze juist rekbaar, omdat organisaties vrijwilligers meer willen inzetten. Voorop staat dat de organisatie altijd verantwoordelijk is voor de veiligheid van de cliënten en de kwaliteit van de dienstverlening. Daarbinnen maken organisaties zelf keuzes in overleg met de diverse betrokkenen.
Foto bij Grenzen aan vrijwilligerswerk

Feiten

Verschillende soorten grenzen beperken het vrijwilligerswerk in de zorg:

Wettelijke en juridische grenzen

  • De wet stelt geen grenzen aan de taken van vrijwilligers. Wel aan de kwaliteit en veiligheid van de uitvoering van die taken. Daarbij bepaalt niet de beloning of iemand voor een bepaalde taak kan worden ingezet, maar of hij/zij over de kennis en vaardigheden beschikt die nodig zijn om die taak uit te voeren.
  • ActiZ pleit er wel voor om de eisen uit de Wet BIG te laten gelden voor de uitvoering van voorbehouden handelingen door vrijwilligers. Dat is ook de grens die de meeste organisaties zelf hanteren.

Leeftijdsgrenzen

  • Kinderen jonger dan 16 jaar mogen tussen 19.00 en 8.00 uur niet werken, ook niet als vrijwilliger. Vrijwilligers van 16 of 17 jaar mogen ’s nachts tussen 23.00 en 06.00 uur niet werken.
  • Op grond van leeftijd mogen vrijwilligers in de zorg niet geweigerd of ontslagen worden, behalve als de organisatie en de vrijwilliger ervoor hebben getekend dat hun overeenkomst eindigt als de vrijwilliger een bepaalde leeftijd bereikt en deze leeftijd hoger is dan de pensioengerechtigde leeftijd. Ook mag u in de vrijwilligersovereenkomst zetten dat die eindigt zodra de vrijwilliger 75 jaar wordt.
  • Verzekeraars stellen in hun polis nogal eens een bepaalde leeftijdsgrens. Die lag veelal op 70 jaar, maar het is nu ook mogelijk om vrijwilligers tot tenminste 80-jarige leeftijd te verzekeren. De Vrijwilligerspolis van VNG Verzekeringen stelt geen leeftijdsgrens.

Persoonlijke en relationele grenzen

  • Vrijwilligers zelf, beroepskrachten, managers en ook cliënten en familieleden stellen zelf bewust of onbewust grenzen. Vrijwilligers zelf kunnen het gevoel hebben ‘de gaten in de zorg’ te moeten opvangen. Beroepskrachten vinden het lastig om zorgtaken over te dragen als ze bang zijn voor hun baan. En cliënten of familieleden hebben er soms moeite mee als een vrijwilliger bepaalde taken uitvoert, zoals de persoonlijke verzorging.
  • Hoe beter de contacten zijn met vrijwilligers, hoe groter hun bereidheid vaak is om (extra) taken op zich te nemen. Tegelijkertijd kunnen vrijwilligers daardoor ook klem komen te zitten. Ze durven niet of nauwelijks nee te zeggen en vragen teveel van zichzelf, waardoor ze overbelast raken.

Functionele grenzen

  • Bij individuele ondersteuning  worden de grenzen bepaald door wat de cliënt nodig heeft en wat de vrijwilliger bereid is te doen en te leren. Als organisatie bent u er vooral bij betrokken om te matchen en te faciliteren.
  • Als vrijwilligers betrokken zijn bij meer cliënten tegelijkertijd  (collectieve ondersteuning) moet u als organisaties vooraf bedenken in welke situaties zij verzeild kunnen raken (risico-inventarisatie) en hen daarop voorbereiden. Meestal ligt de grens bij de zorgverlening bij voorbehouden handelingen. Als organisatie bent u verantwoordelijk voor het organiseren van de inzet en ondersteuning van vrijwilligers.
  • Vrijwilligers ondersteunen ook vaak de organisatie, zoals bij recreatieve activiteiten of bij het beheer van een winkel. Inventariseer welke taken vrijwilligers kunnen doen op dit vlak. U kunt dan meer mogelijke talenten benutten van vrijwilligers. U hoeft vervolgens alleen nog de werkzaamheden te controleren en te prijzen.
Context

In de zorgsector was het gebruikelijk dat de beroepskrachten het voor het zeggen hadden. Organisaties zijn ook nog steeds verantwoordelijk voor veilige en goede zorgverlening, maar er is wel wat veranderd.

Samenspel met informele zorg steeds actueler

Mantelzorgers geven hun zorgtaken niet zonder meer uit handen bijvoorbeeld. Vrijwilligers voeren meer dan enkel ‘aanvullende’ taken uit en nemen daarom geen genoegen meer met een plekje onderaan in de hiërarchie bij de organisatie. Ze willen gehoord en serieus genomen worden, zo blijkt ook uit het rapport Een solide basis. Onderzoek naar verantwoorde zorg en vrijwilligerswerk. (C. Scholten en R. van Overbeek. Vilans, Utrecht 2009). Voor een kwalitatief goede dienstverlening kunnen zorgorganisaties niet meer zonder de inbreng en betrokkenheid van informele zorgverleners (mantelzorgers, familie en vrijwilligers).

Niet te veel regels

Zorgorganisaties willen goede gekwalificeerde en veilige zorg leveren. Daar horen vaste afspraken en regels bij over de inzet van medewerkers, of die nu betaald worden of vrijwillig aan de slag zijn. Deze formalisering kan vrijwilligerswerk minder aantrekkelijk maken, omdat vrijwilligers vaak niet in een vast stramien willen functioneren. Of het werk wordt te statisch, te formeel en geïnstitutionaliseerd en krijgt de nadruk op efficiency. Dat staat vaak haaks op de essentie van vrijwilligerswerk in de zorg: tijd en aandacht voor kwetsbare mensen. Het is de zaak om regels en afspraken zo op te stellen dat vrijwilligers ze niet als beklemmend ervaren, maar zich erdoor ondersteund door voelen.

Op zoek naar rekbare grenzen

Zorgorganisaties zijn door veranderingen in de AWBZ, bezuinigingen en (dreigende) tekorten aan beroepskrachten op zoek naar mogelijkheden om vrijwilligers meer in te zetten. Aan de andere kant zijn vrijwilligers vaardiger en mondiger. Vaste regels en afspraken over grenzen werken niet meer. Zeker als ze van bovenaf opgelegd zijn. De kunst is om in de discussie over grenzen aan de inzet van vrijwilligers beide behoeften samen te brengen.  Zonder dat dit leidt tot gevoelens van angst voor aansprakelijkheid (bij organisaties) of afschuiven van taken (bij vrijwilligers). De notie dat managers, beroepskrachten en vrijwilligers het samen moeten doen en moeten willen doen, moet stevig verankerd raken.

Historie

Vrijwilligerswerk is van oudsher onderdeel van de Nederlandse cultuur. In de oorspronkelijke caritas – de bakermat van het huidige vrijwilligerswerk in de zorg – was altruïsme het leidende principe. Je deed iets voor een minderbedeelde ander.

Huidige situatie

Momenteel zijn er zo’n 420.000 vrijwilligers actief in de zorg. Daarvan zijn er 60.000 actief in verzorgingshuizen, 40.000 in verpleeghuizen en 50.000 in de gehandicaptenorganisaties. Vrijwilligers zijn verder verbonden aan ziekenhuizen, GGZ-instellingen en vrijwilligersorganisaties in de zorg, zoals Zonnebloem, Rode Kruis, Humanitas en de kerken. Voor zorgorganisaties is de vrijwilligersmarkt waar ze uit moeten putten, ingrijpend veranderd.

Individualisering

In de langdurende verblijfszorg zijn met name vrouwen van 60 jaar en ouder vaak wekelijks te vinden in het restaurant, de winkel of op de afdelingen. Ze leveren een belangrijke en onmisbare bijdrage aan de kwaliteit van leven van cliënten. Maar hun inzet is niet vanzelfsprekend. Door de individualisering willen mensen vooral hun eigen leven invullen. Ze passen hun levenspatroon niet meer aan het vrijwilligerswerk aan, maar vinden dat vrijwilligerswerk moet aansluiten bij hun levenspatroon.

Nieuw aanbod

Nieuwe groepen dienen zich aan via maatschappelijke stages, sociale activering en sociale werkvoorziening. Deze groepen kenmerken zich door het feit dat ze met een opdracht richting vrijwilligerswerk zijn gestuurd. Ze vragen begeleiding op een andere wijze.

 

Meer weten

Zorgbetermetvrijwilligers (exerne link)
De zorg wordt beter mét de inzet van vrijwilligers. Maar dat gaat niet zonder betere zorg vóór vrijwilligers. Zorg Beter met Vrijwilligers, het project van  Vilans in samenwerking met MOVISIE, Sting, Agora, ActiZ en VGN helpt zorgorganisaties hierbij. 

Rapport Toekomstverkenning vrijwillige inzet 2015 (externe link) 
In het rapport Toekomstverkenning vrijwillige inzet 2015 geven prof.dr. Paul Dekker, dr. Joep de Hart en drs. Laila Faulk een beeld van de toekomstige ontwikkeling van het vrijwilligersaanbod in Nederland (SCP, Den Haag 2007).

Juridische aspecten inzet van vrijwilligers en samenwerking met mantelzorgers (pdf)
Brochure uitgegeven door ActiZ (Utrecht 2009). Zorgorganisatie kunnen zelf bepalen voor welke taken zij vrijwilligers inzetten zolang de zorg verantwoord is en van goed niveau. Dat wil zeggen doeltreffend, doelmatig en patiëntgericht.

Tags: vrijwilligers, vrijwilligerswerk, vrijwilligersbeleid

Laat een reactie achter

Laat een reactie achter

Wilt u een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.vilans.nl] of [http://www.vilans.nl]
Velden met een (*) zijn verplicht.


Om u zo goed mogelijk van dienst te zijn gebruikt vilans.nl cookies.