Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg (OMK)
Introductie
Wanneer is ketenzorg succesvol? Hoe kunt u ketensamenwerking verder verbeteren? Om een succesvolle keten in de praktijk op te zetten zijn meerdere elementen belangrijk om aan te werken. Deze elementen zijn samengevat in het Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg (OmK). Dit model is ontwikkeld op basis van onderzoek door Mirella Minkman van Vilans in samenwerking met de Universiteiten van Rotterdam en Groningen. Het is een generiek model, toepasbaar voor alle doelgroepen en alle soorten zorgketens. Hiermee kunt u de keten evalueren, een ‘diagnose’ van de huidige situatie maken en verbeteractiviteiten in gang zetten.
Principes
Een cliënt met gezondheidsproblemen heeft geen boodschap aan beroepsbeoefenaren die zich in verschillende compartimenten in de eerste en tweede lijnszorg bezig houden met hun eigen specialismen. Voor hem staat de eigen zorgvraag centraal. Die moet worden opgelost en goed begeleid. Ketenzorg kan hieraan een essentiële bijdrage leveren. Ketensamenwerking tussen meerdere professionals en organisaties is hierbij nodig. Maar bij ketensamenwerking organiseren komt veel kijken. In het Ontwikkelingsmodel Ketenzorg vindt u welke elementen van belang zijn om succesvolle ketenzorg op te zetten. U kunt het model gebruiken om de huidige positie van de ketensamenwerking te beschrijven en het kan dienen als spiegel voor de praktijk. Het model kan u suggesties geven voor het zetten van vervolgstappen.
Aanpak
Het Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg bevat negen clusters. Samen vormen zij een consistente set van elementen die generiek kan worden toegepast. In totaal zijn er 89 elementen gedefinieerd voor het realiseren, verbeteren, innoveren en verduurzamen van ketenzorg. Deze zijn gegroepeerd in de negen clusters.
Het Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg: Negen clusters
- Cluster Cliëntgerichtheid betreft het ontwikkelen van zorg en informatiestromen afgestemd op doelgroepen van cliënten. Informatie wordt in de keten gezamenlijk aangeboden in begrijpelijke taal, bijvoorbeeld via een front office. Methoden voor zelfmanagementondersteuning worden toegepast. De keten is in staat zorg om op individuele behoeften of subgroepen toe te snijden, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van multimorbiditeit.
- Cluster Ketenregie en logistiek gaat over het stroomlijnen van de zorg voor de gehele keten. Denk aan het maken van afspraken over verwijzing, onderzoek, overdracht en ontslag van cliënten in de keten. Hierbij hoort ook uitwisseling van cliëntgegevens en overige informatie, bijvoorbeeld door koppelingen tussen databases. Casemanagement voor cliënten met complexe zorgvragen is aangeboden en er wordt gewerkt met een voor de ketenpartners toegankelijk cliëntvolgend dossier. Afspraken over consultatie van expertise of gespecialiseerde verpleegkundigen in de keten zijn gemaakt.
- Cluster Resultaatsmanagement gaat over het benoemen van prestatie-indicatoren en normen om resultaten in de keten te evalueren. Resultaten die betrekking hebben op cliëntgerelateerde uitkomsten, cliëntwaardering, logistieke en financiële prestaties. Analyses van (bijna)fouten, feedbackmechanismen en verbeterteams worden gebruikt om prestaties te verbeteren.
- Cluster Optimale zorg gaat over het ontwikkelen van een multidisciplinair zorgpad voor de keten, gebaseerd op de behoeften van cliënten in de keten en op evidencebased richtlijnen. Hiervoor zijn behoeften van de cliëntgroep inzichtelijk. Vertegenwoordigers van cliënten zijn betrokken bij het ontwikkelen, verbeteren en monitoren van de zorg.
- Cluster Resultaatgericht leren heeft betrekking op een leerklimaat dat ge¬richt is op voortdurend verbeteren van resultaten in de keten. Hierbij past het gezamenlijk in kaart brengen van de doelen, knelpunten en leemten in de keten en het delen van kennis in een open sfeer. Incentives belonen betere prestaties.
- Cluster Interprofessionele samenwerking voor doelgroepen bevat elementen zoals het omschrijven van de cliëntengroep waarop de ketensamenwerking zich richt en het werken in multidisciplinaire teams. Het is helder wanneer professionals beschikbaar en toegankelijk zijn voor ketenpartners.
- In het cluster Rol- en taakverdeling gaat het bij voorbeeld om inzicht in elkaars expertises, het afspreken van taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in de keten en om het bereiken van effectieve samenwerking op alle niveaus tussen ketenpartners. Dit laatste kan bijvoorbeeld door het aanstellen van een coördinator voor de keten. Alternatieven zijn het beleggen van coördinerende taken te beleggen en door wederzijds overleg en direct contact tussen professionals.
- Cluster Ketencommit¬ment gaat over de gezamenlijke ambitie en doelen van de ketensamenwerking. Er wordt gevraagd om commitment van leidinggevenden met ambitie en helder gestelde doelen. Er is een bewustzijn dat men in een keten werkt, welke afhankelijkheden er zijn en welke domeinen.
- Cluster Transparant ondernemerschap concentreert zich op het afspreken van een gezamenlijke verantwoorde¬lijkheid voor het eindresultaat. Voor transparant ondernemerschap gelden voorwaarden zoals ruimte voor innovatie en experimenten, leiders betrekken bij verbeteringen, een gezamenlijke budgetafspraak en het hanteren van een gemeenschappelijke taal.
In veel instrumentele kwaliteitsmodellen staan beheersing van risico’s in de processen en het bereiken van goede resultaten centraal. Bij ketensamenwerking is de menselijke factor erg van belang, de betrokkenheid van de professional. Samen laat je de keten werken. Ook in tijden dat de belangen tussen ketenpartners groot en verschillend zijn.
Resultaat
Als u het Ontwikkelingsmodel Ketenzorg hanteert als diagnose instrument krijgt u inzicht in verbeterpunten voor uw zorgketen. Daarnaast kunt het model gebruiken om de keten te evalueren. Om volledig te zijn kunt u ook gebruik maken van de beschreven ontwikkelingsfasen bij dit model. Daarmee kunt u de keten positioneren en het model kan suggesties geven welke elementen van belang zijn om verder te komen in uw ontwikkeling. Mirella Minkman van Vilans heeft het model al bij meer dan 80 heel verschillende ketens getoetst. Dat waren zowel ketens in de langdurende zorg, bijvoorbeeld dementie, als acute ketens zoals bij een hartinfarct. De negen clusters en de 89 elementen bleken steeds zeer relevant.
Meer weten
Wilt u aan de slag met het Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg? Neem dan contact op met Mirella Minkman van Vilans. Samen met haar kijkt u op welke manier u het model in kan zetten in uw keten, en of begeleiding hierbij gewenst is. Bijvoorbeeld een workshop met uw ketenpartners waar u meteen aan de slag gaat om een goed beeld van uw keten te maken met direct aangrijpingspunten voor uw verbeterplan of (strategisch) jaarplan.
- Minkman, M.M.N., C.T.B. Ahaus, I.N. Fabbricotti, U.W. Nabitz & R. Huijsman, ‘A quality management model for integrated care: Results from a Delphi and Condept Mapping study’. In: International Journal for Quality in Health Care 21 (2009). Nr. 1, pp. 66-75
- Modellen voor ketenkwaliteit. Mirella Minkman, Kees Ahaus en Robbert Huijsman. Ketenzorg in perspectief, pag 277 – 291. Elsevier gezondheidszorg, Amsterdam 2009
- Ketenzorg; doen en doorpakken. Anja van der Aa. Ketenzorg in perspectief, pag 341 – 349. Elsevier gezondheiszorg, Amsterdam 2009
- Minkman M.M.N., 'Developing integrated care. Towards a devlopment model for integrated care.' Proefschrift met zeven artikelen. ISBN 978-90-13-10026-6801-300. Deventer: Kluwer.
Contactpersoon
Proefschrift Mirella Minkman
Wilt u een geprinte versie ontvangen? Deze kunt aanvragen bij Mirella Minkman via e-mail: M.Minkman@vilans.nl Zij komt graag met u in contact.
Ook kunt u het proefschrift downloaden Towards a Development Model for Integrated Care - Developing Integrated Care (pdf).



