Veilig een gebouw verlaten bij calamiteiten
Introductie
Een veilige woning of gebouw is voor iedereen belangrijk. Het grootste gevaar bij een noodsituatie is dat mensen niet of niet snel genoeg kunnen wegkomen. Ongeveer 15% van de bevolking heeft extra moeite met vluchten bij calamiteiten. Mensen met een verminderde conditie, (chronische) ziekte, functie- of verstandelijke beperking en ouderen hebben in een noodsituatie een verhoogd risico. Zij ondervinden vaak extra hindernissen om de woning of het gebouw te verlaten.
Verhoogd risico zorginstellingen
Bewoners van zorginstellingen lopen een verhoogd risico. Onderzoek van de Brandwonden Stichting (2010) toont aan dat maar 57% van de instellingen een jaarlijkse ontruimingsoefening houdt, waardoor er volgens de brandweer een schijnbrandveiligheid in de zorg bestaat. Ook blijkt dat een derde van de medewerkers, ondanks de aanwezigheid van een ontruimingsplan, vindt dat ze niet in staat zijn alle cliënten veilig het pand uit te helpen.
Veiligheid
Brand is de meest voorkomende calamiteit waarvoor mensen een woning of gebouw moeten ontvluchten. Preventieve maatregelen en een goede voorbereiding kunnen voorkomen dat een ongeluk escaleert. Veiligheid creëert u door goed na te denken over:
- het ontwerp
- de bouwkundige uitvoering
- de inrichting
- de omgeving
- het beheer en gebruik van de woning of het gebouw
- de manier waarop hulpverlening georganiseerd wordt
Lees onder ‘aanpak’ hoe u als bewoner of beheerder van een gebouw kunt zorgen voor een veilige situatie.
Principes
‘Ik heb al drie keer gemeld dat vuilcontainers de nooduitgang blokkeren na het legen en voel me net een roepende in de woestijn’ - een bewoner van een seniorenflat
‘Ik wacht nog op toestemming om vaste vloervakken te schilderen, waar containers na het legen teruggeplaatst moeten worden’ - de conciërge
‘Als direct bij het ontwerp van dit complex rekening was gehouden met vaste containerplekken, zouden er nu geen parkeerplaatsen opgeofferd hoeven worden’ - de beheerder van het complex
Het uitgangspunt is dat iedereen, met en zonder beperking, in een noodsituatie op een snelle en veilige manier de woning of het gebouw kan verlaten.
Wie is verantwoordelijk?
Veiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid van iedereen die een woning of gebouw (ver)bouwt, inricht, beheert, bewoont, gebruikt en controleert. Er is natuurlijk altijd iemand die de eindverantwoordelijkheid draagt. Wie een gebouw bezit of beheert, er mensen laat wonen of werken, is verantwoordelijk voor de veiligheid van het gebouw en zijn gebruikers. Gebouweigenaren, beheerders, directies en besturen kunnen veiligheidstaken delegeren aan faciliteitenmanagers, veiligheidsfunctionarissen en bedrijfshulpverleners (BHV), maar blijven eindverantwoordelijk voor de veiligheid.
Gezamenlijke inspanning
Veiligheid valt of staat met de kracht van de zwakste schakel. Het is belangrijk dat iedereen op zijn eigen terrein meedenkt en meewerkt. Zo wordt veiligheid een gedeelde, gezamenlijke inspanning en verantwoordelijkheid. Bij de (ver)bouw en inrichting van een woning drukken vastgoed- en projectontwikkelaars, woningcorporaties, architecten, aannemers, installatiebedrijven en stylisten hun stempel op een voorziening. Gemeentelijke controleurs en brandweer toetsen de veiligheid.
Rol van de gebruikers van het gebouw
Uiteraard hebben ook bewoners, bezoekers en werknemers zelf een verantwoordelijkheid voor de veiligheid van het gebouw waarin zij wonen of werken. Zij moeten het gebouw gebruiken op een manier die de voorzieningen en afspraken niet in de weg staan of tegenwerken. Zorgverleners en bewoners kunnen opletten of zij snel kunnen vluchten bij een calamiteit. Zo kan alles goed geregeld en afgesproken zijn, maar als een aantal mensen hun rollator in een goed doorgankelijke gang zetten, kan dat een behoorlijke hindernis zijn bij een calamiteit.
Aanpak
Wilt u als zorgverlener, woningeigenaar, huurder of beheerder van gebouwen werk maken van veiligheid? Hieronder vindt u enkele adviezen specifiek voor woningen en gebouwen.
Adviezen bij woningen
‘Als zich een noodsituatie voordoet, moeten ze mij maar komen redden. Ik kan zelf niets beginnen!’ - een rolstoelgebruiker in een eigen woning.
Top drie adviezen voor bewoners:
- Inventariseer de risico's
Kijk eens rond in de woning en inventariseer mogelijke risico’s en gevaarlijke plekken in huis. Wat kan er mis gaan? Wat doet u dan? Kunt u dat alleen, wie of wat gaat u helpen? Komt u obstakels tegen die verwijderd moeten worden of kunnen bepaalde hulpmiddelen u helpen sneller te vluchten bij brand of andere noodsituaties? - Zorg voor goede alarmering
Vroegtijdig signaleren van onraad is belangrijk en geeft meer tijd om te vluchten. Plaats melders op gangen en op alle verdiepingen in de woning zodat u tijdig wordt gealarmeerd. Als u slechthorend bent of doof zijn er rookmelders die naast een hoorbaar signaal ook lichtsignalen afgeven. Ook via de personenalarmering is het soms mogelijk om alarm te slaan. - Oefen
Maak een vluchtplan en bespreek dit met de huisgenoten of buren wanneer u alleen woont. Denk ook aan de huisdieren. Test de vluchtroute door te oefenen en houd rekening met bijzondere omstandigheden. Oefen bijvoorbeeld geblinddoekt om te voelen hoe het is als de stroom ’s nachts uitvalt of het donker is door hevige rookontwikkeling. Een werkende zaklamp bij de hand is dan veel waard!
Adviezen bij andere gebouwen
‘Veiligheid is sinds een jaar een vast agendapunt op ons werkoverleg en dat werkt! We delen goede en slechte ervaringen, zoeken samen naar oplossingen en we trekken per keer vijftien minuten uit om wat dieper in te gaan op specifieke onderwerpen, zoals het belang van obstakelvrije vluchtroutes en de omgang met angst en paniek van bewoners als elke seconde telt. De veiligheid voelt sindsdien echt als een gedeelde verantwoordelijkheid’ - een leidinggevende van een verzorgingshuis
Top drie adviezen voor gebouwbeheerders:
- Houd bij bouw en inrichting rekening met veiligheid
In het ideale geval houdt u al bij de (ver)bouw en inrichting van gebouwen en verbindingsruimten rekening met veiligheid. Dit is veel goedkoper dan later voorzieningen treffen. Toetsing aan het bouwbesluit geeft inzicht in het gebruik van een gebouw en aan technische eisen waaraan moet worden voldaan. Kies bij inrichting voor brandwerende of vertragende materialen. - Betrek de gebruikers van het gebouw
Inventariseer de knelpunten, betrek de gebruikers van het gebouw actief (bijvoorbeeld de cliëntenraad) en faciliteer het melden van knelpunten. Informeer gebruikers van een gebouw (bewoners, bezoekers en werknemers) goed en duidelijk over veiligheidsmaatregelen. Zorg ervoor dat zij weten wat zij zelf kunnen doen om een calamiteit te voorkomen. Zorginstellingen kunnen ook afspraken maken met omwonenden om mee te werken bij noodsituaties en evacuatie. - Organiseer veiligheid
Houd ieder jaar een oefening en organiseer de bedrijfshulpverlening (BHV) goed. Maak duidelijke afspraken met hulpdiensten, zoals de brandweer. Zorginstellingen hebben noodvoorzieningen nodig om stroomuitval op te vangen waardoor bijvoorbeeld deurontsluiters, til- en trapliften blijven werken.
Brochures
Vilans heeft een aantal brochures over het voorkomen van calamiteiten in woningen en andere gebouwen:
- Van ingang tot uitgang
Voor medewerkers in de zorg - Veilig het gebouw uit!
Voor werkgevers en gebouwbeheerders - Veilig de woning uit!
Voor professionals die betrokken zijn bij de bouw en inrichting van woningen - Mijn huis, mijn burcht
Voor huiseigenaren en huurders
Resultaat
Veilig een woning of gebouw kunnen verlaten in noodsituaties draagt bij aan het voorkomen van dodelijke ongevallen, blijvend letsel en gewonden.
De brandweer in Nederland rukte in 2008 45.000 keer uit voor brand en 44.000 keer voor andere soorten van hulpverlening. Er vielen bijna 100 doden en een kleine 900 gewonden en er waren ongeveer 900 reddingen.
Meer weten
Links
Landelijk actieprogramma Brandveiligheid (externe link)
Actieprogramma Brandveiligheid is een rijksbreed initiatief dat wordt gecoördineerd door de ministeries van BZK en VROM/WWI. Met het actieprogramma wil het kabinet het bewustzijn rond brandveiligheid verhogen bij verantwoordelijken in alle fasen van het bouw- en gebruiksproces van gebouwen. Het actieprogramma heeft ook specifieke aandacht voor verminderd zelfredzamen.
TNO Centrum Zorg en Bouw (externe link)
Deze website is opgezet naar aanleiding van het actieprogramma Brandveiligheid in de zorg. Op de website is informatie te vinden over wet- en regelgeving op het gebied van brandveiligheid, praktische werkinstrumenten en informatie over activiteiten in het kader van brandveiligheid in de zorg.
LOC Zeggenschap in zorg (externe link)
LOC Zeggenschap in zorg is er voor cliëntenraden in de geestelijke gezondheidszorg, maatschappelijke opvang, thuiszorg, verpleging & verzorging, verslavingszorg en welzijn. De cliëntenraad kan verschillende acties ondernemen om de brandveiligheid in de instelling te vergroten. Op de website is veel praktische informatie te vinden voor cliëntenraden.
AllesToegankelijk (externe link)
In AllesToegankelijk werken ondernemers en mensen met beperkingen samen met kennisorganisaties en overheden om de toegankelijkheid van goederen en diensten substantieel te vergroten. Rekening houden met toe- en uitgankelijkheid draagt bij aan een veiligere situatie bij noodsituaties. De website geeft veel informatie over toegankelijkheid en bezoekers kunnen goede voorbeelden en producten plaatsen en vragen stellen.
WIKIvarium (externe link)
WIKIvarium is een digitaal kenniscentrum over veiligheid. Gebruikers kunnen kennis toevoegen en delen. Werkwijze is gelijk aan Wikipedia.
Documenten
Veiligheidstips voor bewoners (pdf)
Een beknopt overzicht van praktische tips om de veiligheid van bewoners te vergroten.



