Twitter
Facebook
LinkedIn
Google+
E-mail

8 tips voor het omgaan met onbegrepen gedrag bij dementie

Handig hulpmiddel voor zorgverleners bij de zorg voor mensen met dementie

In opdracht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg hebben we samen met Trimbos-instituut 8 kernelementen uit bestaande richtlijnen samengesteld, die van belang zijn voor het omgaan met onbegrepen gedrag bij dementie.

Deze elementen zijn voor zorgverleners een hulpmiddel bij de zorg voor mensen met dementie. De inspectie toetst specifiek op deze kernelementen.

1. Zorgaanbieder monitort

De zorgaanbieder legt vast hoe de medewerkers omgaan met mensen met dementie en hoe deze mensen worden verzorgd.

2. Medewerker kent cliënt

De medewerker kent de cliënt en zijn gedrag. De medewerker kent de levensgeschiedenis, weet waar de cliënt blij van wordt en wat hem of haar helpt. De medewerker herkent signalen van het onbegrepen gedrag en reageert hierop. De medewerker maakt hierover verslagen zodat anderen hiervan kunnen leren.

3. Betrek familie en mantelzorgers

Familie en mantelzorgers zijn betrokken bij de aanpak van de zorg. Samen wordt besproken wat zorgverleners kunnen doen om de cliënt rustig te maken als hij of zij onrustig wordt. Ook wordt besproken in welke situaties bijvoorbeeld de keuze wordt gemaakt om toch rustgevende medicatie te geven.

4. Samen doelen bepalen

Een verzorgende, arts en psycholoog bepalen samen de doelen van de zorg en bij welk gedrag wordt ingegrepen. Soms wordt dit bepaald met meerdere zorgverleners, maar altijd met een verzorgende, arts en psycholoog.

8 kernelementen voor het omgaan met onbegrepen gedrag

5. Analyseer onbegrepen gedrag

Het team van verzorgende, arts en psycholoog maakt een analyse van het onbegrepen gedrag. Zijn lichamelijke factoren of medicijngebruik oorzaak van het onbegrepen gedrag? Heeft de cliënt een psychische stoornis? Of komt het onbegrepen gedrag door gebeurtenissen uit het verleden of hoe met de cliënt wordt omgegaan?

6. Wees terughoudend met medicatie

Om risico’s van onbegrepen gedrag te verkleinen, probeert de medewerker agressie of extreme onrust te voorkomen zonder medicijnen toe te dienen. Dit kan door bijvoorbeeld rustgevende activiteiten aan te bieden, het laten horen van rustgevende geluiden, door handmassage of een pluche knuffel te geven. Dit legt de medewerker vast in het zorgplan.

7. Gebruik psychofarmaca volgens richtlijnen

Medicijnen die angst verminderen of mensen rustig maken, de zogenoemde psychofarmaca, worden gebruikt volgens de landelijk geldende richtlijnen.

8. Bespreek afspraken regelmatig

De verzorgende, arts en psycholoog bespreken de afspraken minstens 2 keer per jaar. Bij deze evaluaties kijken ze altijd of het gebruik van medicijnen die angst verminderen of mensen rustig maken, de psychofarmaca, kan worden gestopt.

Succesfactor

Wanneer deze aanpak geen succes heeft, moet consultatie aangevraagd kunnen worden van gespecialiseerde gedragsdeskundigen binnen of buiten de instelling. Dat betekent dus dat er voldoende financiële ruimte moet worden gecreëerd binnen een instelling om die experts in dienst te nemen dan wel in te roepen.

Download het rapport Kijken met andere ogen naar de zorg voor mensen met dementie en onbegrepen gedrag

Lees meer over onbegrepen gedrag

Deel deze pagina op Twitter Deel deze pagina op Facebook Deel deze pagina op LinkedIn Deel deze pagina op Google+ Deel deze pagina via E-mail Deel deze pagina via WhatsApp

Wij horen graag uw mening. Laat uw reactie achter.

Wilt u een link invoegen in de tekst? Zet deze tussen [].
Voorbeeld: [www.vilans.nl].

We willen graag weten met wie we in gesprek gaan, daarom vragen wij uw naam en e-mail. Uw e-mailadres zal niet online geplaatst worden.

Plaats het getal '506' in onderstaand controle veld.

7 reacties geplaatst
  • Peter Koopman

    schreef op 08 dec 2016

    "Onbegrepen gedrag" zegt meer van hulpverleners en familie/mantelzorgers. Deze Vilans benadering is mij veel te dun. In de praktijk gaat de patiënt zelf of (vaak onder druk van) partner/familie naar de huisarts. Meestal start daar de ziektediagnostiek en monitoring via POH en/of wijkverpleegkundige. Van een psycholoog (Master psychologie?) en verzorgende ( mbo niveau 3?) is geen sprake in eerste termijn. Verwijzing naar specialist ouderengeneeskunde, klinisch geriater en/of neuroloog en klinisch neuropsycholoog volgt. Daarna volgt de "zorgdiagnostiek/indicatiestelling". Een en ander is inhoudelijk sterk afhankelijk van het vermogen tot zelfregie en communicatie en omgevingsdraagkracht en/of alleenstaand etc. "Dementie" en "onbegrepen gedragingen" worden hier veel te veel als containerbegrippen gehanteerd en de deskundige communicatie met de patiënt (geen cliënt zie WGBO) ontbreekt. Dit als aanvulling op mijn eerdere reactie.

  • P.M. van der Graaf

    schreef op 07 dec 2016

    Bij een team zijn de gezondheidszorgpsycholoog, fysiotherapeut , verpleegkundige en specialist ouderengeneeskundige, waarbij het van belang is dat de GZ-psycholoog m.i. ook verstand heeft van persoonlijkheidsproblematiek, autisme e.d. om deze problematiek te signaleren. Deze doelgroepen vereisen vaak een speciale aanpak en verstand van zaken.

  • kristin reudink

    schreef op 05 mei 2016

    Oh wat zou het mooi zijn als er tijd voor was om mijn gevoel en intuïtie te mogen volgen bij het voorkomen of beperken van onrust bij de zorgvragers, maar hoe moet je dat doen als je alleen staat op een groep van 9 bewoners? Dan kunnen er nog zoveel protocollen bedacht worden en in theorie uitgewerkte plannen, als er niet drastisch wordt ingegrepen in de personeelsbezetting en er ECHT naar de zorgvrager gekeken wordt hoeveel en vooral kwaliteit van zorg er gegeven wordt, is onbegrepen gedrag heel Begrijpelijk.

  • Rina Vonk

    schreef op 08 mrt 2016

    Het team wat hier neergezet wordt vind ik te beperkt. Bespreek het in een groter team, waarbij ergotherapeut, fysiotherapeut en activiteitenbegeleider aanwezig zijn..De activiteitenbegeleider ziet vaak de cliënt in een andere situatie en weet de cliënt op een andere manier te bereiken.

  • Ria Berenschot

    schreef op 02 mrt 2016

    Laat de 24 uurs zorg met elkaar in gesprek gaan bij het ontstaan en bestaan van probleem gedrag. Zij weten wat werkt en niet werkt, de psycholoog of SOG kan daarbij als gespreksleider fungeren waardoor een door de 24 uurs zorg gedragen plan van aanpak kan ontstaan.

  • Cornelis van Dijk

    schreef op 02 mrt 2016

    (uit de VS) Dit soort informatie is geweldig goed en volledig missend hier.

  • Peter Koopman

    schreef op 02 mrt 2016

    Waarom bestaat kernteam uit verzorgende, arts en psycholoog? Ik zou eerder denken aan een verpleegkundige, specialist ouderengeneeskunde en gezondheidszorgpsycholoog! De "zorg" is immers geen zuiver welzijnsopgave, maar behoort gezien de mate van afhankelijkheid en complexiteit tot de individuele (geestelijke) gezondheidszorg ( wet BIG ).

Mantelzorger en oudere dame lezen een krant

Contact

030 789 23 00

Bezoekadres

Catharijnesingel 47
Postbus 8228
3503 RE Utrecht

Routebeschrijving

Volg ons op

LinkedIn
toggle_closeSluit

Top

vilans.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. melding sluiten