Elena Jager

Elena Jager

5 praktische tips om buikgriep norovirus te voorkomen

Het norovirus of buikgriep veroorzaakt elk jaar weer grote problemen. Ongeveer een half miljoen mensen wordt met het virus besmet en krijgt vaak klachten. In zorginstellingen zoals verpleeghuizen, is de kans op een uitbraak groter. Met name als het koud is in de winter. Hoe kunt u een uitbraak van het norovirus voorkomen?

Conny Moons, expert hygiëne van Zorg voor Beter en werkzaam als adviseur bij V&VN, licht 5 belangrijke punten uit de LCI-richtlijn Norovirus voor u uit.

Wat is het norovirus?

Het norovirus; hoe zat het ook al weer? Noro kan voorkomen in rauwe schaal- en schelpdieren en groente en fruit en is zeer besmettelijk. Buikgriep komt vaak door het norovirus. Klachten treden meestal vrij snel na besmetting op. De symptomen variëren van misselijkheid tot heftig braken en diarree. Vaak gaan norovirus symptomen vanzelf over na een aantal dagen. U kunt ook besmet zijn (en besmettelijk zijn voor anderen) zonder dat u zelf klachten hebt.

Met name in zorginstellingen, zoals een verpleeghuis en ziekenhuis, is het norovirus een ongewenste gast. Omdat in zorginstellingen relatief veel mensen op elkaar zitten en vaak een verzwakt of aangetast immuunsysteem hebben, is de kans op uitbraak van het norovirus hier groter.

norovirus

1. Start snel met maatregelen

Begin direct met infectiepreventiemaatregelen wanneer meerdere mensen tegelijkertijd in een groep symptomen hebben van het norovirus: diarree en/of braken. De infectiepreventiemaatregelen zijn het meest effectief als er snel wordt gestart. Wacht niet totdat de diagnose norovirus met laboratoriumonderzoek is vastgesteld, er gaat dan kostbare tijd verloren. Houd wel in de gaten of het klachtenpatroon bij norovirus blijft passen. Er kan een andere infectie doorheen spelen. Het lijkt een open deur, maar toch belangrijk.

2. Registreer nieuwe ziektegevallen

Registreer per dag per afdeling de personen (cliënten en medewerkers) met (nieuwe) klachten van braken en/of diarree. Precieze registratie van (nieuwe) ziektegevallen geeft overzicht en controle op de effectiviteit van de bestrijding. Door per afdeling daglijsten bij te houden van de personen met (nieuwe) klachten, is het moment te bepalen wanneer de maatregelen weer kunnen stoppen.

3. Handhygiëne

Continueer de voor de instelling gebruikelijke methode van handhygiëne: handalcohol of wassen met water en zeep. De methode van handhygiëne wordt vrijgelaten. Men adviseert om door te gaan met de gebruikelijke manier van handhygiëne, blijf wassen als dat in uw huis de standaard is en blijf desinfecteren als dat in uw huis de standaard is.

Eerder was het advies om bij noro handen te wassen en niet te desinfecteren. Nu blijkt dat desinfectans de hoeveelheid norovirus wel verlaagt. Bijkomend voordeel is dat desinfectans ook beter de hoeveelheid andere micro-organismen verlaagt.

4. Reinigen en desinfecteren

Heel concreet en uitgebreid staat in de richtlijn beschreven: wat, wanneer, hoe vaak en waarmee gereinigd en gedesinfecteerd moet worden. Dus met welk doekje, welk schoonmaakmiddel of welk desinfectiemiddel en hoe vaak per dag. Ook bijvoorbeeld deurkrukken en kranen niet vergeten. Beddengoed niet wapperen en geen lucht uit de waszakken duwen. Ga ook zorgvuldig om met het wasgoed van de cliënt.

5. Wanneer mag personeel weer werken?

Medewerkers/vrijwilligers mogen na het stoppen van de klachten (24 uur vrij van braken/diarree) weer werken, bij voorkeur op een uitbraakafdeling.

Meer informatie over hygiëne

Meer informatie? Neem contact op met:

ElenaAdviseur
Elena
Jager
Adviseur e.jager@vilans.nl 06 22 81 04 35
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl