Cecil Scholten

Cecil Scholten

Hoe ziet innovatie eruit?

Nieuwe manieren van leren ontdekken met partners uit 3 invalshoeken: kennisinstituut, onderwijs en zorg. Dat was de insteek van het Consortium Nieuw Leren in de Zorg. Een van de partners was zorgorganisatie Reinaerde. Bestuurder Ella van Lingen en HRD-adviseur Janny Pebesma vertellen hoe deze zoektocht de kijk op innovatie veranderde.

24-10-2019

Rond 2014 tekende zich een nieuw proces af in het leren van mensen, zowel in het onderwijs als in hun carrière. Tegelijk was er een technologische en digitale ontwikkeling gaande. Een consortium van kennis, onderwijs en zorg wilde nagaan hoe deze processen samenhingen. ‘Met deze ontwikkelingen zou het zo maar kunnen zijn dat we als zorgorganisatie niet meer aansluiten op hoe professionals aan het leren zijn.’ Aan het woord is Ella van Lingen, bestuurder van zorgorganisatie Reinaerde, consortium-deelnemer van het eerste uur.

Download de notitie 'Samen leren, samen innoveren'

Netwerk in plaats van individueel

‘Het was meteen duidelijk dat we dit vraagstuk het beste konden verkennen in een netwerk in plaats van individueel,’ aldus Van Lingen. Initiatiefnemer Vilans zocht daarvoor contact met zorgorganisaties en het onderwijs voor een samenwerking die anno 2015 niet vaak voorkwam. Van Lingen: ‘Het werd een experimentele verkenning van het nieuwe leren in de zorg. We wilden producten ontwikkelen over de branches heen.’ Het consortium was gestart.

Brancheoverstijgend

Janny Pebesma is strategisch HRD-adviseur bij Reinaerde. Zij vertelt: ‘We ontwikkelden bijvoorbeeld e-learnings over mondzorg en dementie. Reinaerde heeft hier veel input voor geleverd. De vernieuwing was tweeledig: de e-learnings waren interactief en bovendien konden we deze vertalen naar de verschillende branches.’

Hippe technologie

‘We leerden veel van elkaar’, aldus Pebesma. ‘Zo zagen we het belang van nieuwe, hippe technologie voor innovatief leren.’ Ella van Lingen herinnert zich de inspiratiesessies. ‘Dan kwam iemand bijvoorbeeld vertellen over gaming. Dat soort interactie was nodig bij het zoeken naar nieuwe ontwikkelingen.’ 

Innovatief vraagstuk

‘Voor innovatie moet je niet focussen op een product, maar op een vraagstuk of een trend,’ zegt Van Lingen. ‘Dat inzicht vind ik een hele belangrijke opbrengst van het consortium.’ Een voorbeeld van een trend in de zorg is het dreigende tekort aan verpleegkundigen. Het consortium onderzocht daarvoor Augmented Reality (AR), dit is het toevoegen van elementen door een computer aan een live beeld van de werkelijkheid, bijvoorbeeld via een bril. ‘Technologie als de Augmented-Realitybril is natuurlijk heel opvallend,’ vertelt Janny Pebesma. ‘Iedereen wilde wel even uitproberen hoe dat is met een AR-bril.’

3 soorten innovatie

Van Lingen vertelt over 3 soorten innovatie: 

  1. Sociale innovatie 
  2. Organisatie-innovatie
  3. Technologische innovatie 

‘Stel dat een medewerker graag wil werken met de AR-bril. Dan is het goed om daar meteen de familie ook bij te betrekken. Want het gaat erom dat innovatie in het zorgproces werkt en dat we dit met elkaar doen. Dit is sociale innovatie. Alle 3 soorten zijn ze natuurlijk belangrijk, maar wij waren een van de eersten die de sociale innovatie op één zetten en technologie slechts op de derde plaats.’

Robots in de zorg

Ella van Lingen ziet dat mensen nu anders aankijken tegen nieuwe technologie dan een aantal jaar geleden. ‘Toen werd er wel gezegd: we gaan toch niet de zorg door robots laten uitvoeren? De angst leefde dat dat zou leiden tot onpersoonlijke zorg. We zien gelukkig een herwaardering van deze standpunten. Mensen zien dat een robot ook een plantje kan zijn dat zegt: het wordt donker buiten, het licht mag best aan.’

Zorgorganisaties participeren

Over de rol van zorgorganisaties zegt Van Lingen: ‘Het is zowel sociale als organisatie-innovatie dat je rollen herdefinieert en niet zegt: dat ga ik organiseren, maar juist: van wie is eigenlijk die beweging? Ga ik mensen met beperkingen, ouderen of chronisch zieken vragen in mijn innovatie mee te doen? Of stappen wij in de ontwikkeling die zíj maken? Onze voorkeur gaat uit naar het laatste.’

‘Denk aan iemand die chronisch ziek is of iemand die al jaren met zijn verstandelijk gehandicapte kind leeft. Wat gebruikt hij al in zijn leven en kan onze innovatie daar een bijdrage aan leveren? Hij heeft het eigenaarschap. De meeste mensen wonen niet in instellingen en gebruiken al lang verschillende apps of communiceren digitaal met de arts in het ziekenhuis. We schuiven als zorgaanbieders op naar een participantenrol in plaats van een aanjagersrol. Ook dat is een sociale innovatie.’

Organiseren versus innoveren

Deze veel bredere scope op innovatie vormt het vervolg op wat het consortium in het klein is begonnen. Van Lingen: ‘Hoe werk je samen: organiseer je of innoveer je? Als je organiseert heb je een bepaalde set spelregels. Als je innoveert dan is je interactie anders, dan zijn de spelregels anders. Wie is dan de trekker, wie is de participant, wie is de ontvanger?’

Nieuwe samenwerking

‘Het verschil met een project waarbij je naar een doel toe werkt is dat innovatie gebeurt,’ aldus Ella van Lingen. ‘Dat laat je natuurlijk niet helemaal los; je legt als het ware de rivierbedding, waar de innovatierivier doorheen stroomt. We wilden met het consortium geen plan implementeren en mijlpalen halen. We hadden wel mijlpaalmomenten maar we wisten niet van tevoren wat er zou zijn behaald. Inderdaad, vernieuwing, alleen: waar precies op? Of inzichten, en welke dan? Nu gaat het verder, de partners van het consortium zullen elkaar weer tegenkomen, maar in een andere vorm.‘

Meer informatie? Neem contact op met:

CecilDirecteur Kennisnetwerken
Cecil
Scholten
Directeur Kennisnetwerken c.scholten@vilans.nl 06 22 81 08 16
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl