Marjolein van Vliet

Marjolein van Vliet

'Hygiënebeleid is er niet voor de Inspectie, maar voor de bewoners'

Binnen de Zorgboog is het antibioticagebruik laag. In de PG-woningen waarin Frank Hermans als hoofd zorgverpleging de aandacht voor hygiëne en infectiepreventie coördineert, wordt zorgvuldig gewerkt. ‘Natuurlijk was er eerst discussie’, zegt hij, ‘maar de teams begrijpen het belang van ons hygiënebeleid.’

Vraag een vrijblijvend gesprek aan en doe mee!

Frank Hermans mag zijn handen dichtknijpen. ‘Ook wij hebben wel eens te kampen met het norovirus, maar een antibioticaresistente besmetting hebben we hier nog nooit gehad’, zegt hij. ‘Elders in de organisatie wel, wat niet zo vreemd is als je bedenkt dat we werkzaam zijn in een gebied met veel varkenshouders. En dan zie je hoe moeilijk het is om dat probleem op te lossen, vooropgesteld dat dit überhaupt al lukt. Het is dus echt een uitdaging een uitbraak met een antibioticaresistente bacterie te voorkomen.’

Scholing en gerichte aandacht

Hermans zegt te beseffen dat een uitbraak voorkomen nooit te garanderen is. ‘Maar je kunt wel veel doen’, zegt hij. ‘Wij zijn hiertoe om te beginnen heel terughoudend met ziekenhuisopnamen van onze bewoners. Als een infuus moet worden aangelegd kan het niet anders natuurlijk, maar zorg rondom bijvoorbeeld een longinfectie kunnen we goed op de woningen bieden en als het om palliatie gaat heeft het echt geen zin om mensen door te verwijzen. Ons beleid is dat ze hier wonen en ook hier mogen sterven. Verder doen we veel aan scholing. We beschikken over goede protocollen, op basis waarvan we de medewerkers scholen op de hygiënemaatregelen die belangrijk zijn om problemen te voorkomen. Op dit moment zijn we bezig zo’n scholing op te zetten voor de vrijwilligers en voor de gastvrijheidsmedewerkers, een nieuwe functie binnen onze organisatie, hebben we die onlangs al gegeven.’

Per woning is een aandachtsvelder hygiëne aangesteld. ‘Die houdt in de gaten of de protocollen voor goede hygiëne en infectiepreventie worden nageleefd’, zegt hij. ‘Zelf speel ik daar ook een rol in en kijk ik bijvoorbeeld of medewerkers zich houden aan de regel die we afgesproken hebben, bijvoorbeeld dat ze tijdens het werk geen sieraden mogen dragen. Een onderwerp dat aanvankelijk wel tot discussie leidde, omdat medewerkers soms dachten dat die regel alleen maar bestaat omdat het moet van de Inspectie voor Gezondheidszorg en Jeugd. Maar toen ik had helder gemaakt dat het niet daarom gaat, maar juist om de veiligheid van onze bewoners, was die discussie snel beslecht. Nu houdt iedereen zich eraan.’

Aandacht voor handalcohol

Recent is veel aandacht besteed aan het gebruik van handalcohol. ‘Met het oog op de richtlijn moesten we daar echt werk van maken’, vertelt Hermans. ‘Dus hebben we een paar maanden geleden bepaald waar precies de dispensers moesten komen en scholing gegeven over hoe en wanneer ze moeten worden gebruikt. Tijdens klinische lessen gebruiken we regelmatig de blauwe UV-lamp om te controleren of medewerkers de handalcohol echt goed gebruiken. Dan wordt altijd wel een plekje zichtbaar dat ze toch hebben overgeslagen. Maar je ziet dat ze er serieus mee omgaan. We maken dit extra makkelijk met instructiekaartjes die in kort bestek beschrijven wat de richtlijn over het gebruik van handalcohol zegt. Dit kaartje hangt op iedere kamer. Om te kijken hoeveel gebruik ervan wordt gemaakt, houden we bij hoe snel de dispensers leeg zijn.’

Tijdens klinische lessen gebruiken we regelmatig de blauwe UV-lamp om te controleren of medewerkers de handalcohol echt goed gebruiken

Net als over de sieraden ontstond ook over de handalcohol aanvankelijk discussie. ‘Bijvoorbeeld over de vraag wanneer je het precies moet toepassen’, zegt Hermans. ‘In feite is dat heel simpel: Water en zeep bij zichtbare vervuiling en handalcohol voor de rest en tussen de handelingen met bewoners door. Maar je moet het toch steeds onder de aandacht blijven brengen in werkoverleggen en klinische lessen.’

Hygiënebeleid goed uit te leggen

Hygiëne is inmiddels een vast item in het werkoverleg. Waarom is Hermans binnen Zorgboog zo’n grote rol gaan spelen in dit onderwerp? ‘Daar ben ik eigenlijk ingerold’, vertelt hij. ‘Ik zit in de HIP-commissie en toen vanuit Vilans de vraag kwam of we filmpjes wilden maken over hygiënebeleid en infectiepreventie, werd ik gevraagd om dat in onze locatie Gemert te doen. Dat vond ik interessant, want hygiëne en infectiepreventie is een belangrijk onderwerp. De aandacht ervoor hoeft ook niet ten koste te gaan van de huiselijkheid in een verpleeghuis. Natuurlijk ziet het er niet zo huiselijk uit om op elke slaapkamer een zeepautomaat, een alcoholdispenser en een rekje met handschoenen en handdoekjes te hebben. Maar toch blijken bewoners dat helemaal niet bezwaarlijk te vinden, en de familieleden snappen het ook. Voor als het echt nodig is – bijvoorbeeld als iemand besmet is met het norovirus – hebben de medewerkers een epidemische box tot hun beschikking. Daarin zit alles wat ze nodig hebben om veilig te kunnen werken met zo’n bewoner, inclusief alle hulpmiddelen voor de eindschoonmaak. Ook zit er een logboekje in om alle actuele informatie per bewoner bij te houden.’

De aandacht voor hygiëne en infectiepreventie hoeft niet ten koste te gaan van de huiselijkheid in een verpleeghuis

Voor het geval zich ooit een uitbraak zou voordoen, kan worden teruggevallen op het hiervoor al bestaande protocol: zoveel mogelijk de afdeling sluiten, met vast personeel werken en bezoek ontmoedigen. ‘Natuurlijk kun je familie niet verbieden op bezoek te komen’, zegt hij. ‘Maar je kunt wel uitleggen dat het zaak is het bezoek echt te beperken tot de vader of moeder, daarna zonder omwegen het pand te verlaten en zorgvuldig om te gaan met de handhygiëne. Het belang daarvan begrijpt iedereen.’

3 tips om een uitbraak van resistente bacteriën in verpleeghuizen te voorkomen

  1. Wees terughoudend met ziekenhuisopnamen van bewoners.
  2. Investeer in scholing, voor zowel eigen medewerkers als vrijwilligers.
  3. Wijs per locatie een zogenaamde aandachtsvelders aan, die in de gaten houdt of protocollen correct worden nageleefd.

Aan de slag

Antibioticaresistentie is een groeiend probleem. Een probleem waar wij allemaal mee te maken kunnen krijgen. Want medewerkers en bewoners van verpleeghuizen lopen nou eenmaal meer risico op besmetting. Een bedrijfscultuur waarin tegengaan van antibioticaresistentie prioriteit is, helpt om de veiligheid van bewoners te garanderen. Het programma ‘Aanpak antibioticaresistentie in Verpleeghuizen’ stimuleert en ondersteunt verpleeghuizen hierbij. Wilt u samen met ons kijken hoe we uw organisatie toekomstbestendig kunnen maken?

Vraag een vrijblijvend gesprek aan en doe mee!

Lees meer

Meer informatie? Neem contact op met:

MarjoleinExpert
Marjolein
van Vliet
Expert m.vanvliet@vilans.nl 06 - 22 81 00 10
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl