Robbert Huijsman

Robbert Huijsman

Interviewreeks hoogleraren dementie deel 9: Nederland wereldkampioen ouderenzorg

De nationale rondgang is bijna een feit, de teller staat na week 9 op 35 hoogleraren. Deze week het enige dubbelinterview: met hoogleraar epidemiologie Arfan Ikram en hoogleraar population imaging Meike Vernooij (beiden Erasmus MC, Rotterdam). Zij leiden de al meer dan 25 jaar lopende cohortstudie ERGO in mijn eigen wijk Rotterdam-Ommoord. Ook mooie interviews met Max Stek (ouderenpsychiatrie, Amsterdam) en Jan Hamers (ouderenzorg, Maastricht).

24-09-2018

Uniek cohortonderzoek

ERGO (internationaal de Rotterdam Study genoemd) is een van die grote langdurende cohortonderzoeken waar Nederland een sterke traditie in heeft opgebouwd. Al vanaf 1989 worden in Ommoord alle personen die 55 worden (45 vanaf 2006) standaard opgeroepen deel te nemen aan dit onderzoek, dat elke 4 jaar wordt herhaald. Door al op jonge leeftijd de nog relatief gezonde mensen lang te volgen, komt in beeld wat het natuurlijk beloop van veroudering is, hoe vaak allerlei ziekten voorkomen, welke mechanismen en achtergrondfactoren daarin spelen en welke consequenties veroudering en ziekte hebben op het lichamelijk, cognitief en sociaal functioneren.

Wat is ‘normaal’?

ERGO neemt de drie grote ongeneeslijke hersenziekten (beroerte, Parkinson en dementie) vaak samen omdat ze onderling sterk verweven zijn als 'major neuro degenerative disorders' (vergelijk definitie DSM-5). Schrik niet: 1 op de 3 mannen en 1 op de 2 vrouwen loopt deze 'lifetime risks' op.
Epidemiologisch onderzoek maakt ook mogelijk onderscheid te maken tussen ‘normale’ veroudering en ziekten die we tijdens de tweede helft van ons leven krijgen, sluipenderwijs of acuut. Hoe vaak zeggen we niet tegen elkaar dat geheugenproblemen nu eenmaal horen bij het ouder worden, zonder dat echt duidelijk is wat normaal of afwijkend is. Dat is ook reden voor de andere twee hoogleraren om breder te kijken naar ouderenpsychiatrie en ouderenzorg. Voor goed wetenschappelijk onderzoek is toespitsing op het syndroom dementie nuttig. De benaming 'Alzheimer' is voor de onderzoekers inmiddels een te vaag en te breed begrip. Ze spreken liever van amyloïde-dementie, vasculaire dementie et cetera. Maar de zoektocht naar de onderliggende mechanismen zal nog jaren duren.

Hoeveel mensen hebben ‘dementie’?

Zelfs zoiets schijnbaar simpels als neuzen tellen, zit er nog niet in. De vraag hoeveel mensen in Nederland dementie hebben, kunnen de ERGO-hoogleraren eigenlijk niet beantwoorden. Nog altijd extrapoleren Alzheimer Nederland en andere organisaties de allereerste prevalentiecijfers van ERGO uit de jaren negentig van de vorige eeuw. Dan zouden er nu zo’n 250 tot 280 duizend mensen met dementie zijn. Maar er zijn ook andere schattingen, uit de huisartsenregistratie (110.000) of uit recent Vektis-onderzoek met declaratiegegevens van zorgverzekeraars (185.000, exclusief Wmo-voorzieningen). Arfan, die zich nu helemaal toelegt op dementie omdat daarin nog zo veel is uit te zoeken, vindt circa 250.000 personen met dementie een heel redelijke inschatting. Maar zelfs hij heeft geen recente harde gegevens. Dat komt allereerst door onduidelijkheid over ‘dementie’ zelf, ondanks betere en vroegere diagnostiek. Maar ook door de heel dynamisch impact van risicofactoren, omgevingsfactoren en nieuw zorgaanbod. En ERGO zit natuurlijk maar in één Rotterdamse wijk. Die is wel relatief groot en steeds meer divers, maar toch nog tamelijk ‘wit’ en wellicht niet representatief voor heel Nederland.

Dementiezorg is breedte-sport

In de bredere ouderenzorg gaat het vooral om goede basiszorg voor iedereen, zonder zorgproblemen zoals vallen, doorligwonden, onvrijwillige zorg, vrijheidsbeperkende maatregelen (in 15 jaar tijd vrijwel naar nul teruggebracht), geestdodend ‘lege’ dagbesteding en eenzaamheid. Goed voor álle ouderen, maar extra belangrijk en nog ingewikkelder bij dementie. Daarom pleiten veel onderzoekers ervoor eerst maar eens écht werk te maken van stoppen met roken en drinken, van hypertensie, overgewicht, diabetes en van gebrek aan beweging. Dan zijn veel ziekten zoals dementie al fors te verminderen. De laatste 25 jaar neemt de incidentie (nieuwe gevallen per 1000 ouderen) van dementie met 17% per decennium af en daar zou nog eens 30% af kunnen. Wat goed is voor het hart, is ook goed voor het brein. Daarna is er dan ruimte voor dementie-specifieke interventies, als we daarvoor meer en steviger bewijs hebben gevonden. Dat vergt dan wel betere diagnostiek, en filteren van behandelbare zaken zoals onder andere affectieve stoornissen, depressie, pijn en inactiviteit. 

Dementievriendelijke omgeving helpt!

Zo’n pleidooi past goed in de breedtestrategie waar Nederland goed in is. Een enkel aspect kan wel eens wat beter (zoals de wijze waarop we het een en ander organiseren en integreren), maar alles bij elkaar genomen zijn we allround wereldkampioen ouderenzorg. We komen in de buitencategorie als heel Nederland ook nog dementievriendelijk wordt. Vilans is dat net geworden en heeft tijdens zijn relatiedag op 19 september het estafettestokje doorgegeven aan ActiZ.

Robbert Huijsman, hoogleraar en programmaleider Dementiezorg voor Elkaar, doet wekelijks verslag van de serie interviews die hij deze zomer houdt met de hoogleraren dementie om tot een gezamenlijk beeld te komen van de toekomst van de dementiezorg en -ondersteuning in Nederland.

Lees de andere blogs van Robbert Huijsman

Meer informatie? Neem contact op met:

RobbertProgrammaleider Dementiezorg voor elkaar
Robbert
Huijsman
Programmaleider Dementiezorg voor elkaar r.huijsman@vilans.nl 030 - 7892437
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl