Rian van de Schoot

Rian van de Schoot

Zicht op wat werkt in de wijk

In het samenwerkingstraject Integraal werken in de wijk bundelen wij samen met Movisie, het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid, het Nederlands Jeugdinstituut, het Trimbos-instituut en de Werkplaatsen Sociaal Domein de krachten om met professionals en gemeenten meer zicht te krijgen op wat werkt bij integraal werken in de wijk. Vragen uit de praktijk vormen het vertrekpunt en de bevindingen kunnen op landelijke verspreiding rekenen.

28-10-2016

Zicht op wat werkt in de wijk

Professionals en beleidsmakers: deel vragen en knelpunten

De decentralisaties binnen het sociaal domein en de daarmee samenhangende visie vragen van professionals en beleidsmakers een nieuwe manier van werken. Belangrijke pijlers hierbij zijn integraal samenwerken in de wijk en vermaatschappelijking van zorg en ondersteuning.

Met de samenwerkende partijen van het project Integraal werken in de wijk willen we samen met de praktijk kennis en expertise ontwikkelen en toegankelijk maken. Ons doel is om de nieuwe manier van werken in zorg en welzijn verder vorm te geven en zicht te krijgen op wat werkt bij integraal werken in de wijk.

Om zo goed mogelijk aan te kunnen sluiten bij behoeften uit de praktijk roepen we professionals en beleidsmakers op om hun vragen en knelpunten te delen. We gaan samen op zoek naar antwoorden en maken die voor anderen beschikbaar. We mogen hiervoor een deel van onze basissubsidie inzetten.

Stel uw vraag

De focus ligt op:

  1. Kwetsbare doelgroepen, zoals mensen met een licht verstandelijke beperking of psychische problemen.
  2. De toegang tot zorg en ondersteuning.
  3. Samenwerking met mantelzorgers, de buurt en andere professionals.

De kennis en inzichten die dit oplevert, worden landelijk verspreid via goede voorbeelden, praktische handleidingen, e-learnings, trainingen en workshops.

Welke vragen over werken in de wijk komen er binnen?

Een van de eerste vragen kwam van regio Eemland. Zij benaderden de samenwerkingspartners om mee te denken over de doorontwikkeling van hun wijkteams. Al jaren staat de kennisontwikkeling van wijkteams daar hoog op de agenda. Er is een regionaal scholingsplan dat sinds 2014 voorziet in trainingen om wijkteams in Amersfoort en de regiogemeenten Baarn, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Soest en Woudenberg verder te professionaliseren. In dat kader is er aandacht voor wijkgericht en generalistisch werken, samenwerken aan veiligheid, herkennen en omgaan met psychische problemen en licht verstandelijke beperkingen.

Teams duurzaam organiseren

Na 2 jaar wijkteamontwikkeling zijn de 7 gemeenten in regio Eemland op het punt aanbeland dat ze hun teams duurzaam willen organiseren in bijvoorbeeld een stichting of een gemeenschappelijke regeling. Daarbij willen ze zowel het generalistisch werken als de specialismen behouden en blijven ontwikkelen.

Ontwikkelscan voor wijkprofessionals

De vraag is wat daarvoor nodig is. Het plan is om op grond van lokale, regionale en landelijke kaders een perspectief te schetsen van wat een wijkprofessional precies moet kunnen en dit vervolgens te operationaliseren in een praktische scan waarmee per medewerker snel inzichtelijk is te maken op welke thema’s hij of zij zich verder te ontwikkelen heeft. Maar hoe kom je van A naar B? Wat heb je nodig aan deskundigheidsbevordering, hoe pak je dat aan en hoe zorg je voor borging van expertise en kwaliteit?

Wat is er met die vraag over de doorontwikkeling van wijkteams gedaan?

Annelies Kooiman van Movisie en Herma Ooms van het Nederlands Jeugdinstituut hebben eerst in kaart gebracht hoe gemeenten elders in het land de kwaliteit van hun sociale (wijk)teams ontwikkelen en waarborgen. ‘We zien overal een strenge selectie aan de poort. Natuurlijk kan niet iedereen meteen over de competenties beschikken die nodig zijn om huishoudens meer integraal vanuit de wijk ondersteuning te bieden. Dat gemeenten en aanbieders zich daarvan bewust zijn, blijkt wel uit het scholingsaanbod.’

6 verschillende organisatievormen

Uiteindelijk hebben zij 6 gemeenten onder de loep genomen die verschillen qua organisatievorm, rol van de gemeente en samenwerkingsrelaties. Kooiman: ‘Bij de ene gemeente zijn de medewerkers in dienst bij de moederorganisatie, elders bij de gemeente of ze zijn ondergebracht in een coöperatie of stichting. Een van de vragen is hoe en door wie vanuit deze verschillende organisatievormen de scholingsvraag van medewerkers wordt opgepakt. Dat levert een heel divers beeld op waarbij met name de sturingsfilosofie een belangrijke rol speelt.’

Een voorbeeld van een organisatievorm?

De gemeente Eindhoven heeft bijvoorbeeld gekozen voor een aparte stichting wijkteams WijEindhoven en een ontwikkelingsgerichte werkwijze. Hun visie is: we praten met mensen in plaats van over mensen. Zo bejegenen ze niet alleen hun cliënten maar ook de eigen medewerkers en dat heeft zijn weerslag op het deskundigheidsbevorderingsbeleid. Uitgangspunt daarbij is dat ze de kennis en kwaliteiten van hun 400 wijkteammedewerkers optimaal willen benutten.

Regie bij de wijkteammedewerkers

Medewerkers hebben zelf uitgezocht welke kennis zij nodig hebben om generalistisch te kunnen werken. Dat is vervolgens op intranet omschreven, inclusief een trainingsaanbod en de namen van collega’s maar ook van bijvoorbeeld burgers die op specifieke thema’s geconsulteerd kunnen worden. De regie ligt dus bij de medewerkers. WijEindhoven faciliteert met bijvoorbeeld het intranet en de WijAcademie die desgewenst scholing organiseert.

Kan het ook anders?

Andere gemeenten kiezen voor een meer ontwerpgerichte aanpak. In Horst aan de Maas, waar ze met gebiedsteams werken, zijn bijvoorbeeld de medewerkers in dienst bij hun moederorganisatie. Via een assessment wordt gekeken of medewerkers geschikt zijn voor het werk. Kwaliteitsborging vindt plaats via een persoonlijk ontwikkelplan en individuele coaching.

Urgente scholingsthema’s voor de wijkteams

Ook in Veendam werken medewerkers vanuit hun moederorganisatie. Via de Tinten Academy krijgen zij deskundigheidsbevordering op maat. Kooiman: ‘Bij de start van de transformatie zijn vijf urgente scholingsthema’s benoemd, waaronder nieuwe doelgroepen en participatie. Medewerkers moeten daar alles van afweten en zijn daar dus na een individuele screening verplicht in getraind. Met werkt bij de wijkteams met een teamschouw om ontwikkelpunten te bepalen. Op grond van vraagstukken in de praktijk worden nieuwe ontwikkelthema’s ingebracht. Veendam benut daarbij heel bewust de kennis van de Hanzehogeschool en de landelijke kennisinstituten om de kwaliteit op orde te houden.’

En nu?

Met deze input gaat regio Eemland nu de doorontwikkeling van haar wijkteams verder concretiseren. In werkateliers brengen vertegenwoordigers van beleid, praktijk en kennisinstituten in kaart welke kennis en expertise wijkteams moeten hebben (de Kenniskaart) om generalistisch te kunnen werken maar tegelijkertijd ook specialismen te kunnen behouden, onderhouden en doorontwikkelen. Belangrijke bouwstenen daarvoor zijn de landelijke wet- en regelgeving en de kennisdomeinen die in een wijkteam verankerd moeten zijn.

Input van Integraal werken in de wijk

Ooms: ‘De samenwerkingspartners van Integraal werken in de wijk leveren in ieder geval input en expertise bij de verschillende sessies. Verder kan ik me voorstellen dat de te ontwikkelen Kenniskaart straks ook bruikbaar is voor andere gemeenten die de kwaliteit en expertise binnen hun wijkteams willen borgen. Wij kunnen dan een rol spelen in de landelijke verspreiding daarvan.’

Dit artikel is oktober 2016 verschenen in NJij, het relatiemagazine van het Nederlands Jeugdinstituut

Meer informatie over Integraal werken in de wijk

Meer informatie? Neem contact op met:

RianExpert
Rian
van de Schoot
Expert r.vandeschoot@vilans.nl 06 22 81 07 08
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl