Naar hoofdinhoud

Burgerberaad over de zorg interessante optie

Een motie om Nederlandse inwoners via een burgerberaad beter te betrekken bij de zorg is onlangs met grote meerderheid aangenomen door de Tweede Kamer. Volgens de indieners is het nuttig voor het kabinet om zo’n burgerberaad voor de zorg in het leven te roepen om kennis en ervaring op te halen uit de maatschappij. Een ander doel is dat het kan helpen om maatschappelijk draagvlak te creëren voor moeilijke keuzes.

Het burgerberaad zou in februari 2023 moeten starten. Er zou dan een panel moeten zijn van ongeveer 100 tot 150 mensen die kan adviseren over grote zorgvragen. Wie er in deze groep komt, wordt bepaald door een loting. Het hebben van achtergrondkennis over de zorg is volgens de indieners geen vereiste voor deelname. Het kabinet moet expliciet en vooraf laten zien dat de uitkomst van het burgerberaad niet vrijblijvend is. Het ‘overnemen-tenzij’-principe zou gehanteerd moeten worden. Adviezen moeten in principe worden overgenomen, tenzij deze bijvoorbeeld niet uitvoerbaar zijn. Als er namelijk niet duidelijk is wat er met adviezen van inwoners gedaan wordt, zal het niet motiveren om deel te nemen.

'Goede stap vooruit'

Vilans-directeur Rian van de Schoot noemt de motie interessante optie. ‘Het is een mooie beweging om voor grote vraagstukken burgers samen adviezen te laten opstellen. Het zou zeker ook passend zijn voor de houdbaarheid van zorg en ondersteuning. Ik ben benieuwd naar hun adviezen en hun afwegingen tussen conflicterende waarden.’ 

Van de Schoot geeft verder aan dat voor een burgerberaad vrije toegang tot betrouwbare, neutrale en actuele kennis essentieel is. ‘Ik zie daarbij een rol voor kennisorganisaties zoals Vilans om de burgers in dit panel te voorzien van deze kennis. Ik zie er naar uit de huidige inzichten uit ervaring, praktijk en wetenschappelijk te delen voor de vragen die zij hebben.’