Verder bouwen in de regio aan duurzame medische zorg
Gepubliceerd op: 25-11-2021
Laatst bijgewerkt op: 10-02-2023
Zorgorganisaties werken samen aan duurzame medische zorg voor ouderen. Dat doen zij samen met verschillende regio's, zorgkantoren en met ondersteuning van Waardigheid en trots in de regio en actieonderzoek van de Erasmus Universiteit. Op 16 november 2021 namen meer dan 160 belangstellenden deel aan de Landelijke Netwerkbijeenkomst Duurzame Medische Zorg. Lees hier hoe de regio's samen knelpunten oplossen.
Veel beweging
Programmacoördinator Jan Verschuren opende de bijeenkomst: 'Er is veel in beweging gekomen. Er lopen inmiddels 23 programma's in diverse zorgkantoorregio's. Aanvankelijk waren dit vooral organisaties voor ouderenzorg, maar steeds vaker haken ook andere zorginstellingen en zorgkantoren aan. Ik ben trots op wat er al is bereikt.'
Hij blikt terug op de start van het programma. Bestuurder Anke Huizenga van ZuidOostZorg was een van de eersten die het tekort aan specialisten ouderengeneeskunde aankaartte. Samenwerking in de regio was volgens haar de route naar het oplossen van knelpunten, bijvoorbeeld bij avond-, nacht- en weekenddiensten.
Beleid maken voor regionalisering van zorg
Veel regio's lopen in hun samenwerking en oplossingen vooruit op de regelgeving. Dat maakt het zaak om stakeholders te betrekken, zoals het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Zorgverzekeraars Nederland (ZN), brancheorganisaties en beroepsorganisaties.
Duurzame zorg in de regio komt op steeds meer tafels op de agenda, stelde Jan vast. 'VWS en ZN zijn graag betrokken bij inhoudelijke ontwikkelingen. Zo kijken ze hoe zij daar beleid op kunnen maken en samen met de zorgaanbieders regionalisering verder vorm kunnen geven.'
Download de presentatie van de opening van de netwerkbijeenkomst DMZ door Jan Verschuren onder 'Downloads' op deze pagina.
Panelgesprek over 'Verder bouwen aan duurzame medische zorg in de regio'
Zorgorganisaties zoeken onder meer oplossingen voor het tekort aan specialisten ouderenzorg (SO's). In verschillende regio's boeken ze successen, vertelden deelnemers aan het panelgesprek tijdens de Landelijke Netwerkbijeenkomst Duurzame Medische Zorg. Maar er zijn nog de nodige barrières te doorbreken.
Lianne van Goch, projectleider regionale zorgprojecten in Limburg en Noord-Brabant, vertelt over een samenwerking van 5 zorgorganisaties in Zuid-Limburg. Die stonden voor de taak om 24/7 de inzet van een SO te regelen. De oplossing is dat een SO alleen aanwezig is wanneer dat echt nodig is.
Via triage wordt bekeken of taken verschoven kunnen worden naar een verpleegkundige of verzorgende. 'Aan de "taakzuivering" hebben we veel aandacht besteed', zegt Lianne. 'De SO moet in vertrouwen taken kunnen overlaten.' Andere zorgorganisaties hebben interesse getoond om zich aan te sluiten bij het initiatief.
Kijk hier het volledige panelgesprek terug tijdens de Landelijke Netwerkbijeenkomst Duurzame Medische Zorg.
Kennis uit ouderenzorg delen
Liesbeth Zwanepol is kwaliteitsadviseur ouderenzorg bij zorgkantoor Zilveren Kruis voor de regio Utrecht-Apeldoorn-Zutphen. In het panelgesprek vertelt ze over het Ouderengeneeskunde Netwerk Utrecht eerste lijn (ONUe), opgezet om kennis en kunde uit de ouderenzorg breed in de keten beschikbaar te maken. SO's en psychologen ondersteunen huisartsen in de zorg voor ouderen. Huisartsen hebben een vast aanspreekpunt waar ze terecht kunnen met vragen.
Volgens Liesbeth is er een regionale aanpak nodig voor problemen als de knellende arbeidsmarkt en de groeiende zorgvraag. 'We moeten kijken aan welke knoppen we kunnen draaien. Geen regio is hetzelfde, dus je moet het binnen de regio met elkaar oplossen.'
'Als zorgkantoor hebben we een regiobudget om te experimenteren en domeinoverstijgende projecten op te zetten, bijvoorbeeld op het gebied van taakdifferentiatie en de inzet van technologie.'
We hebben een maatschappelijk probleem en dat moeten we samen oplossen, want je kunt het niet meer alleen.
Lianne van Goch, projectleider regionale zorgprojecten Limburg en Noord-Brabant
Vrijblijvendheid moet eraf
'Welke barrières zijn er voor regionale samenwerking?' vraagt gespreksleider Pauline Meurs, hoogleraar bestuur van de gezondheidszorg in Rotterdam. Waar stuit je op als je wilt samenwerken?
Om te beginnen moet er de wil zijn om samen te werken, stelt Lianne. 'De vrijblijvendheid moet eraf. We hebben een maatschappelijk probleem en dat moeten we samen oplossen, want je kunt het niet meer alleen.'
Dat kan ook betekenen dat je markt moet inleveren, stelt Pauline vast. 'Ben je bereid dat te doen?', vraagt ze aan Mariët de Zwaan, bestuurder van Inovum Zorggroep in 't Gooi. Mariët verwijst naar de visie die haar organisatie heeft opgesteld. 'Concurrentie is verleden tijd. Dat kunnen we ons niet meer permitteren. We hebben het met elkaar te doen. Dat is niet altijd gemakkelijk. Het is "jouw" SO en het heeft soms gevolgen voor je bedrijfsvoering. Maar we moeten het doen voor de klant.'
Regelgeving in de weg
De regelgeving kan soms ook lelijk in de weg zitten, vinden de gesprekspartners. Lianne vertelt over een regio met een groot tekort aan huisartsen en specialisten ouderenzorg. Verpleegkundig specialisten en physician assistants zouden veel taken geprotocolleerd kunnen uitvoeren, bijvoorbeeld het schouwen. Maar de wet- en regelgeving staat het niet toe. 'VWS, geef ons de ruimte', bepleit ze.
De praktijk leert dat wet- en regelgeving altijd achter de ontwikkelingen aanhobbelt, stelt Pauline. Wachten op andere regels zou volgens haar kostbare tijdsverspilling zijn. 'Je kunt vragen om experimenteerruimte, maar dat gaat hem niet worden, vrees ik. Ik zou zeggen: gewoon beginnen. Wetten volgen op de praktijk en niet andersom.'
Knellend kwaliteitskader
Mariët de Zwaan merkt op dat ook het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg soms beperkend kan werken. 'De eis dat medewerkers bevoegd en bekwaam moeten zijn, betekent dat je soms heel bekwame mensen niet mag inzetten omdat ze niet bevoegd zijn. Terwijl bijvoorbeeld sommige vrijwilligers een grote bijdrage aan de kwaliteit van leven kunnen leveren.'
Een uitdaging voor de sector is om de komende tijd de zorgteams te versterken en voldoende SO's op te leiden. Ook hier is samenwerking noodzakelijk. Organisaties kunnen bijvoorbeeld gezamenlijk een praktijkopleider aanstellen, zodat SO's en GZ-psychologen in opleiding ook in kleinschalige voorzieningen kunnen werken. 'Dat vraagt om een andere mindset', aldus Lianne. 'De SO is niet van jouw instelling, maar van de regio.'
Actieonderzoek Duurzame Medische Zorg
De Erasmus School of Health Policy & Management doet al vanaf het begin van het traject 'Duurzame Medische Zorg in de Regio' actieonderzoek naar de ontwikkelingen bij de verschillende projecten.
Onderzoeker Iris Wallenburg keek terug op de eerste 3 jaar van het programma: 'De regio moet meer speelruimte krijgen. Er zijn mooie projecten tot stand gekomen, maar we zijn er nog niet. Er zijn nog veel hobbels te nemen.'
Download het rapport en de presentatie van Iris Wallenburg over het actieonderzoek Duurzame Medische Zorg in de Regio op deze pagina.
Bekijk hier de presentatie van Iris tijdens de netwerkbijeenkomst.
Aanpak en resultaten regionale projecten
Tijdens de netwerkbijeenkomst werden de aanpak en resultaten gepresenteerd van 9 regionale projecten. Hier lees je meer over ieder project.
De verpleegkundig specialisten (VS) van het Ambulant Team Ouderen van Sensire en Azora in de Achterhoek nemen taken over van de SO.
Rachel Kwak (Sensire) en Karin de Jager (Azora) werken als verpleegkundig specialist in het Ambulant Team Ouderen (ATO). Het ATO is onderdeel van het Netwerk Ouderen en Veerkracht Achterhoek. Doel van het netwerk is kwetsbare ouderen de juiste begeleiding en zorg te bieden, zodat ze zo lang en goed mogelijk thuis kunnen blijven wonen.
In het team werken de verpleegkundig specialisten samen met casemanagers dementie en SO's. Ze ondersteunen ook huisartsen. Die kunnen bellen met vragen en de VS'en kunnen meekijken bij een consult.
Verder schuiven ze aan bij het multidisciplinair overleg van de eerste lijn (EMDO). Wanneer daar kwetsbare ouderen worden besproken, overleggen ze met de SO wie de cliënt 'oppakt'. Dat hangt mede af van de complexiteit van de situatie.
Geriatrisch assessment
Een belangrijk onderdeel van het werk is het geriatrisch assessment. 'We willen alles weten over de cliënt', zegt Rachel. 'Eerst kijken we welke informatie al beschikbaar is, bijvoorbeeld bij de huisarts en de wijkverpleegkundige. Zodat we geen dubbel werk doen. Daarna maken we een afspraak met de cliënt en liefst ook met een naaste. We vragen hun ook wat ze van ons verwachten, wat wij voor hen kunnen betekenen.'
De conclusies en het behandelplan legt de VS voor aan de SO en vaak ook aan de kaderarts. 'We leren elkaar steeds beter kennen', zegt Karin. 'In het begin ging de SO nog wel mee, maar we doen steeds meer zelfstandig.'
Download de presentatie van de sessie 'Verpleegkundig specialist in de eerste lijn' (pdf) op deze pagina
Zorgtechnologie kan helpen om meer zorg te leveren met gelijkblijvende capaciteit. Bijvoorbeeld als een arts op afstand kan meekijken met de zorgverlener.
Gerard van Glabbeek van DiaMediPort BV begeleidt zorgorganisaties om hun processen anders in te richten met behulp van technologie. 'Met ons concept Voorspoedzorg passen we zorgtechnologie toe in de werkprocessen. Hierdoor kunnen we in de toekomst meer zorg leveren met de huidige capaciteit, zonder nog harder te werken.'
Slimme zorg is vaak een kwestie van snel de juiste informatie op de juiste plaats krijgen. Een snelle diagnose verbetert bijvoorbeeld de cliëntervaring en maakt spoedzorg beter, betaalbaarder en beschikbaarder door de vrijgekomen uren van specialisten. De Mobiele Diagnose Box Voorspoedzorg kan hierbij helpen.
Snelle diagnose
Als voorbeeld noemt Gerard het voorschrijven van antibiotica bij een VVT-organisatie. 'Tussen het moment dat de verpleegkundige een bacteriële infectie vermoedt en het moment dat de cliënt antibiotica toegediend krijgt, zitten veel contactmomenten en wachttijden tussen onder andere arts, apotheek en lab.'
Met de juiste technologie en bevoegdheden kan de verpleegkundige ter plekke tests uitvoeren voor een snelle diagnose. Voordelen zijn de cliënttevredenheid en vrijgekomen deskundigheid. Daarnaast is er een kleinere kans op miscommunicatie, omdat er minder partijen betrokken zijn.
Tijd is rijp voor zorgtechnologie
Veel van dit soort slimme zorgtechnologie bestaat al. Maar de drempel om het daadwerkelijk te gaan gebruiken, ligt vooral bij de organisatie ervan. 'De tijd is rijp om ermee te starten', zegt Gerard. 'Begin met het "laaghangend fruit". Kies een aantal specifieke behandelingen of zorgvragen en ga daaraan werken. Zo behaal je de eerste winst met technologie én leer je meer met technologie te werken.'
Download de presentatie van de sessie 'Slimmer werken zorgt voor een hele geruststelling' op deze pagina.
De orthopedagoog is niet alleen een oplossing voor het tekort aan GZ-psychologen. Zij helpen ook om de ouderenzorg op te schuiven richting preventie en welzijn.
Toen orthopedagoog-generalist (OG) Mieke van der Horn 3 jaar geleden werd gevraagd om bij Zorggroep Oude en Nieuwe Land te komen werken, dacht ze nog dat ze er weinig te zoeken had. Nu weet ze wel beter.
De OG's hebben de ouderenzorg pas kortgeleden ontdekt als werkterrein, vertelt Mieke. Van oudsher werken haar collega's vooral in het onderwijs en in de gehandicaptenzorg. Maar steeds meer OG's kiezen voor de ouderenzorg.
Het individu in zijn context
OG word je na een masteropleiding in pedagogische wetenschappen, psychologie of gezondheidswetenschappen en een 2-jarige post-masteropleiding. De OG kijkt naar het individu in zijn of haar context: in zijn of haar omgeving en met het systeem eromheen. De OG zoekt de dialoog met cliënt en naasten en zoekt welke veranderingen de situatie en het welzijn van de cliënt kunnen verbeteren.
'Ik merkte dat er meer overeenkomsten dan verschillen zijn tussen gehandicaptenzorg en ouderenzorg', zegt Mieke. 'Mensen zijn afhankelijk en hebben ondersteuning en begeleiding nodig. In de gehandicaptenzorg heb je vaak te maken met ouders, in de ouderenzorg met partner en kinderen. Zij hebben vaak ook ondersteuning nodig.'
Meer gericht op welbevinden
De OG heeft een andere kijk dan bijvoorbeeld de SO en de GZ-psycholoog. Meer gericht op het welbevinden. Zoekend naar hoe je de veerkracht van de cliënt kunt benutten; naar wat nog wél kan. 'Niet wachten tot er problemen zijn, maar kijken naar de behoefte en daarop inspelen.'
Download de presentatie van de sessie 'De orthopedagoog als nieuwe speler in de ouderenzorg' op deze pagina.
In Zuid-Limburg werken 5 organisaties voor kleinschalig wonen (KSW) aan een manier om medische zorg voor de bewoners te organiseren, vooral in de avond, nacht en het weekend.
De 5 organisaties hebben een oplossing gevonden door taken te herschikken en zorgteams te versterken. De specialist ouderengeneeskunde komt alleen in actie als het niet anders kan. De aanpak werkt, vertelt projectleider Lianne van Goch.
Vertrouwen om over te laten
Een belangrijk aandachtpunt was de inrichting van scholing en triage. Voor de triage wordt het Instrument verpleegkundige triage ingezet, aangevuld met een pocketversie voor als de verzorgende niet online kan. Huisartsen en de SO zijn betrokken bij de opleiding. Zo hebben ze ook het vertrouwen om dingen over te laten aan de zorgteams. Het zorgkantoor bood experimenteerruimte om de SO hiervoor in te zetten.
Stepped care
'Stepped care' is een ander instrument dat wordt ingezet. Van Goch vertelt hierover: 'Wat kan en mag je zelf doen? Moet je hier echt de SO voor inschakelen, of is er een andere oplossing? Verder gaat er meer aandacht naar preventie. Niet afwachten tot er wat gebeurt, maar problemen vroeg signaleren. Zodat het niet in het weekend tot een crisis komt.' Tot slot gebruiken de zorgteams een Smart Glass, zodat de SO op afstand kan meekijken.
Een van de doelen van het project was dat de SO vooral overdag aan het werk is. Dat lukt. 'De SO is minder tijd kwijt aan randzaken of dingen die het zorgteam ook kan doen. Hij wordt minder vaak 's nachts gebeld en functioneert overdag beter. De caseload kon daardoor zelfs toenemen zonder verlies van kwaliteit.'
Download de presentatie van de sessie 'Toekomstbestendige medische behandeldienst voor KSW, doe het gewoon slimmer en samen!' op deze pagina.
ZuidOostZorg in Friesland heeft een afdeling opgezet om patiënten over te nemen van de spoedeisende hulp (SEH) van ziekenhuis Nij Smellinghe in Drachten.
De Afdeling Tijdelijke Opname Ouderen (ATOO) is in februari 2021 op kleine schaal begonnen met 5 bedden. De bedoeling is dat er in 2022 7 bedden bijkomen. Dan zal de ATOO ook patiënten opnemen die door de huisarts worden doorverwezen. Het gaat vooral om acute opnames in avond, nacht en weekend. De ATOO levert beter passende zorg voor ouderen en heeft ervaring met de doelgroep.
De SEH-artsen kijken of een patiënt geschikt is voor opname in de ATOO. De SO of VS doet de intake, vaak in samenspraak met de ergotherapeut of fysiotherapeut.
Binnen 5 dagen naar huis of vervolgzorg
Het uitgangspunt is dat de patiënten binnen 5 dagen uitstromen naar huis of naar vervolgzorg, bijvoorbeeld een verpleeghuis. Zodra een patiënt binnenkomt, wordt ingezet op doorstroom naar huis of naar vervolgzorg, vertelt Karine van der Kraan, regiomanager kortdurende behandeling. 'Wat is er thuis nodig? Welke vervolgzorg is mogelijk? Welke partijen kunnen daarbij helpen? Als mensen langer dan 5 dagen bij ons blijven, slibben we dicht en lost het niets op.'
Tot 15 november 2021 heeft de ATOO 70 patiënten gehad met een gemiddelde verblijfsduur van 4,6 dagen. De helft kon terug naar huis, de andere helft stroomde door naar vervolgzorg.
ZuidOostZorg is in gesprek met de zorgverzekeraar over de financiering, samen met het ziekenhuis. Op dit moment past de zorgverlener bij uit eigen middelen. 'We vonden het te belangrijk dat deze voorziening er kwam', aldus Van der Kraan.
Download de presentatie van de sessie 'Afdeling Tijdelijke Opname Ouderen' op deze pagina.
Het programma 'Regionale Capaciteitsraming Duurzame Medische Zorg voor ouderen en kwetsbare groepen' geeft regionaal inzicht in ontwikkeling van vraag en aanbod.
Om duurzame medische zorg in de regio te kunnen leveren is het belangrijk om te weten hoe zorgvraag en -aanbod zich zullen ontwikkelen. Landelijk zijn daar wel modellen voor, maar regio's verschillen van elkaar.
Beleid maken om het gat te dichten
'Als je weet wat de verwachte zorgvraag is en welke professionals je nodig hebt om aan die vraag te voldoen, kun je gericht beleid maken om het gat te dichten', zegt Mariët de Zwaan, bestuurder bij Inovum Zorggroep en penvoerder van het programma. 'Bijvoorbeeld extra opleiden, samenwerken of de zorg anders inrichten.'
Om de zorgvraag en het zorgaanbod in beeld te brengen is een online vragenlijst gemaakt, legt Tineke Zijlstra van het Capaciteitsorgaan uit. 30 deelnemende zorgorganisaties in 5 regio's vullen de lijst 3 keer in, met peildata 31 december 2019, 2020 en 2021. De rapportage levert inzicht op in eventuele tekorten.
Professionals betrekken
De tweede pijler van het programma is de regionale beleidscyclus en de plek van de professional daarin. 'We zien vaak dat het zorgkantoor en bestuurders afspraken maken, maar dat de uitvoering daar te weinig bij betrokken wordt', zegt Mariët. 'Het is belangrijk om de professionals te betrekken. Zij moeten het uiteindelijk waarmaken.'
Tot slot kijkt het programma naar taakzuiverheid. Taakherschikking wordt vaak genoemd als oplossing voor knelpunten. Als je gaat schuiven met taken, vraagt dat om goede afspraken. En dan moeten mensen doen waar ze goed in zijn. Professionals moeten ook bereid zijn om taken uit handen te geven.
Download de presentatie van de sessie 'Programma Regionale Capaciteitsraming Duurzame Medische Zorg voor ouderen en kwetsbare groepen' op deze pagina.
ZuidOostZorg zet de verpleegkundig specialist in als 'voorwacht'. Daarmee creëren ze een brug tussen de verzorging en de medische professionals.
ZuidOostZorg werkt al sinds 2010 met verpleegkundig specialisten (VS) om de verpleegkundige en verzorgende functie te versterken. De inzet van de VS biedt ook een oplossing voor het tekort aan specialisten ouderengeneeskunde (SO).
'We zijn een volledig platte organisatie geworden', vertelt SO Mascha van der Lee. 'De verantwoordelijkheden zijn veelal van naar de werkvloer verschoven, met weinig management ertussen. Sinds 2015 zijn er zelfs geen directe leidinggevenden meer.'
Mede na de introductie van de hbo Verpleegkundige Gerontologie en Geriatrie (VGG) is de brugfunctie van de VS kleiner geworden en de medische inzet groter. De VS krijgt meer de rol van een basisarts en vormt een koppel met een vaste SO. En waarom zou wat overdag kan, niet ook kunnen tijdens de ANW-diensten? Dat leidde ertoe dat de VS ook tijdens deze diensten wordt ingezet.
Openheid en onderling vertrouwen zijn essentieel om deze manier van werken te laten slagen. De SO moet zaken over durven dragen en de VS moet het lef hebben om zelf meer verantwoordelijkheid te nemen.
Overleg met de SO
VS Marck Roman werkt sinds kort bij ZuidOostZorg. Marck: 'De werkwijze hier en ANW-diensten draaien was wel even wennen, maar het voegt echt wat toe aan de rol van de VS. Uiteindelijk krijg ik veel vragen die je overdag ook krijgt. Als ik er niet uitkom, kan ik overleggen met de SO. Die is heel ondersteunend. Je leert elkaar goed kennen en groeit naar elkaar toe. Ik leer er ook veel van.'
Download de presentatie van de sessie 'VS in voorwacht' op deze pagina.
In de regio Flevoland willen VVT-partners gezamenlijk gaan opleiden. Dit zal een impuls geven aan de opleiding tot SO. En de opleiding tot GZ-psycholoog kan een nieuwe stroom kandidaten tegemoet zien.
Als onderdeel van het programma Duurzame Medische Zorg in de regio Flevoland is de ambitie uitgesproken om in samenspraak te komen tot een gecombineerde opleidingsgroep van VVT-partners. Hierbinnen kan gezamenlijk opleiden vorm en inhoud krijgen.
Het doel is om de opleidingsfunctie voor arts in opleiding tot (medisch) specialist ouderengeneeskunde een impuls te geven. In meerdere regio's in Nederland speelt het vraagstuk om te komen tot een instellingsoverstijgende opleidingscombinatie, waarmee kansen en mogelijkheden voor extra opleiden in beeld komen.
Gecombineerd opleiden
In de regio Flevoland is het deelprogramma ROSO-FL van start gegaan om in samenspraak met 4 VVT-partners te komen tot een gecombineerde opleidingsgroep (GOG) voor het regionaal opleiden van SO's (ROSO) in de regio Flevoland. Een kerngroep werkt stevig door aan de totstandkoming van de GOG-ROSO-FL met 4 bouwstenen:
Toekomstvisie op de SO-functie
Vernieuwend opleiden
Regionale kaders
Geïntegreerde leerwerkplannen
Het is een hele puzzel, maar de puzzelstukjes krijgen vorm en inhoud.
Regionaal opleiden GZ psycholoog
De ontwikkeling van de opleidingsfunctie in het beroepsdomein van de psychologie neemt een steeds grotere vlucht. De behoefte aan GZ-psychologen in de VVT groeit en groeit.
Nieuwe stroom kandidaten
De masteropleiding tot psycholoog is op tal van onderdelen vernieuwd en voorbereid om direct te worden vervolgd met de opleiding tot GZ-psycholoog. Het leidt tot een nieuwe stroom van opleidingskandidaten naast de al meer dan 5000 basispsychologen die mogelijk interesse hebben in de opleiding tot GZ-psycholoog.
Gecombineerde opleidingsplaats voor psychologen
Om de kansen en mogelijkheden te benutten van dit prachtige aanbod aan potentiële opleidingskandidaten, is gezocht naar een andere manier van opleiden binnen de VVT.
Vernieuwend opleiden met de introductie van een opleidingsteam, regionale leerroutes door een samenwerkingsverband van opleidingsorganisatie en stage-opleidingsorganisaties vormen de basis voor de introductie van een GOP (gecombineerde opleidingsplaats voor psychologen in opleiding tot GZ-psycholoog).
GOP-Flevoland
Inmiddels zijn er al meerdere GOP's ingericht. In de regio Flevoland kon GOP-Flevoland gelanceerd worden. Aukje Reinders en Jenneke Grendelman deelden vol trots het resultaat en eindigden met het bericht dat er begin 2022 3 PIOG's (psychologen in opleiding tot GZ-psycholoog) van start gaan met hun opleiding in de regio Flevoland.
Download de presentatie van de sessie 'Vernieuwend regionaal opleiden: kansen en hindernissen' op deze pagina.
In de ouderenzorg is het werken met een regiebehandelaar niet vanzelfsprekend. Lees over 2 pilots in zorgorganisaties.
Daniëlle Groenewoud werkt als GZ-psycholoog bij Coloriet en Anke Marsman is als orthopedagoog-generalist werkzaam bij Zorggroep Oude en Nieuwe Land (ZONL). Vanuit de gehandicaptenzorg heeft Anke al jaren ervaring met het werken als regiebehandelaar.
'Dit is in deze sector bijna vanzelfsprekend', aldus Anke. Maar in de ouderenzorg is dit nog niet het geval. Het is landelijk gezien wel steeds meer onderwerp van gesprek, ook omdat er een transitie plaatsvindt van het medisch model naar het welzijnsmodel. Bij beide organisaties loopt er nu een pilot waarbij de gedragsdeskundige als regiebehandelaar optreedt.
Wat zijn de taken van een regiebehandelaar?
Anke en Daniëlle lichten tijdens hun werksessie toe dat de regiebehandelaar geen inhoudelijke eindverantwoordelijkheid draagt, een vraagstuk dat momenteel in de ouderenzorg speelt.
Elke BIG-geregistreerde professional draagt zijn of haar eigen behandelverantwoordelijkheid. Het regiebehandelaarschap draait dus vooral om een regierol op het proces. Daarnaast is de regiebehandelaar het aanspreekpunt voor de cliënt over de behandeling.
'Bij ZONL zijn we meer multidisciplinair gaan werken', geeft Anke aan. 'De artsenvisite heeft bijvoorbeeld plaatsgemaakt voor de gedragsmedische visite.' De pilot is kortgeleden gestart en Anke heeft al positieve ervaringen, bijvoorbeeld dat er nu mooie gesprekken plaatsvinden over wat voor een cliënt belangrijk is.
Bij de pilotlocaties zijn de gedragsdeskundige en de arts regelmatig aanwezig op de locatie. Verpleegkundigen doen een triage-scholing. Daardoor kunnen zij veel vragen van de locatie opvangen of efficiënter doorspelen aan de arts.
Pilot Coloriet
Daniëlle geeft aan dat de pilot bij Coloriet nog in een beginfase is. Binnen de organisatie waren er ook wel discussies met de medische vakgroep. Het is belangrijk om met elkaar te blijven kijken wat goed is voor de cliënt en de samenwerking te behouden.
Regiebehandelaarschap is bij Coloriet voortgekomen uit het project Duurzame Medische Zorg, waar eerst een tekort aan specialisten ouderengeneeskunde de belangrijkste reden was. Inmiddels wordt regiebehandelaarschap ook inhoudelijk gedragen.
Afscheid nemen van de visites?
Een prikkelende stelling sloot de werksessie af: 'Van probleemgericht naar persoonsgericht: we nemen afscheid van de visites.'
'Veel van onze overlegstructuren en processen komen nog voort uit het medisch model. Hoe fijn zou het zijn als we deze tijd kunnen gebruiken voor preventieve aandacht voor de behoeften van bewoners?', aldus Anke en Daniëlle.
Download de presentatie van de sessie ‘De gedragsdeskundige als regiebehandelaar: landjepik of optimaal samenwerken?' op deze pagina.
Meer weten
Lees alles over het programma RegioKracht.
Downloads
Inschrijven nieuwsbrief
Met onze nieuwsbrief blijf je wekelijks op de hoogte van alle trends en ontwikkelingen in de langdurige zorg.
Voor meer informatie over de verwerking van persoonsgegevens, zie onze privacyverklaring.