Naar hoofdinhoud

Kamerdebat over inzet personeel en kwaliteit verpleeghuiszorg

De Tweede Kamer debatteerde onlangs met minister Conny Helder van Langdurige Zorg en Sport. Op de agenda stond het aanpassen van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. In dit kader staat onder andere de personeelsnorm dat op iedere groep van acht verpleeghuiscliënten twee zorgverleners aanwezig moeten zijn. Deze norm wordt in de praktijk vaak niet gehaald en minister Helder wil minder rigide met het Kwaliteitskader omgaan op een manier die wel degelijk tot goede kwaliteit in het verpleeghuis leidt.

Op vragen van Kamerleden of het aanpassen van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg niet zal leiden tot minder goede zorg, zei minister Helder: ‘Om kwaliteit te leveren heb je personeel nodig. Daarvoor heb je ook goed geschoold personeel nodig, maar misschien een iets minder rigide wijze van invulling. Dat geven de veldpartijen zelf ook aan. Ik heb daarbij inderdaad de kaders aangegeven, maar ik ga natuurlijk wachten op datgene waar het Kwaliteitsinstituut samen met het veld mee komt, zodat we met elkaar kunnen zeggen: zo gaan we de toekomst in. In de tussentijd ga ik door met Waardigheid en trots op locatie; dat gaat echt door. We gaan door met het implementeren van datgene wat we nu in handen hebben.’

Bezuinigingen

Kamerleden van de oppositie zijn er niet gerust op dat er voldoende personeel in het verpleeghuis beschikbaar zal zijn om de kwaliteit hoog te houden. Met name omdat er een algemene bezuiniging op verpleeghuiszorg is aangekondigd op Prinsjesdag. PVV-Kamerlid Fleur Agema: ‘De inspectie heeft een bezoek gebracht aan alle verpleeghuizen. Daarom is het zo'n belangwekkend rapport. Daaruit blijken een heel aantal zaken, waarbij ik mijn nadruk heb gelegd op het gebrek aan voldoende bekwaam personeel.’ Agema wil horen hoe de minister het gebrek aan voldoende (kwalitatief) personeel in een derde van de verpleeghuizen oplost. ‘Ik wil horen hoe ze het tekort van 30.000 medewerkers oplost.’

Leren en ontwikkelen

Over het door Agema aangehaalde Inspectierapport antwoordt minister Helder: ‘In het huidige kader is het onderdeel leren en ontwikkelen al uitgewerkt. Instellingen worden geacht dit in de werkprocessen te integreren. De inspectie ziet daar dus ook op toe. In het programma Waardigheid en trots op locatie is er ook veel aandacht voor geweest. We zien gelukkig dat driekwart van de instellingen daar goed op scoort, maar ik ben het helemaal met u eens dat het percentage verder omhoog moet. Het programma Waardigheid en trots op locatie zal ik dus ook continueren. Dat is belangrijk.’

Het debat eindigt uiteindelijk met een aantal ontraden moties en de toezegging dat de minister een aanjaagteam in het leven te roept dat best practices onder de aandacht brengt bij zorgorganisaties en zo een bijdrage levert aan het verminderen van de werkdruk en daarmee bijdraagt aan het behoud van personeel.

Waardigheid en trots en de toekomst

Meer dan 500 verpleeghuislocaties nemen al deel aan het ondersteuningsprogramma 'Waardigheid en trots op locatie' sinds de start in 2019. Deelnemers krijgen inzicht in de mate waarin zij voldoen aan de acht thema’s van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Afhankelijk van ontwikkelpunten krijgen zij ondersteuning op maat. Dit alles om te komen tot zorg die aansluit bij de wensen en mogelijkheden van verpleeghuisbewoner, met warme betrokkenheid van familie en naasten. Het programma laat aansprekende resultaten zien, maar ook dat het toewerken naar lerende organisaties die steeds om kunnen gaan met wat de actualiteit vraagt op veel plekken nog verder ontwikkeld kan worden. Kennisorganisatie Vilans is verantwoordelijk voor de uitvoering van het programma in opdracht van het ministerie van VWS. 

Deel via

Contactpersoon