Technologie in de ouderenzorg: vertaal naar eigen organisatie
Gepubliceerd op: 27-01-2026
Het toepassen van zorgtechnologie in de ouderenzorg heeft de meeste kans van slagen als het wordt ingebed in het dagelijks werk. Zorgorganisaties moeten daarom goed kijken naar de mogelijkheden van de eigen organisatie. Ook moeten ze kijken naar de processen en van elkaar leren. Dat advies geven Anders Werken in de Zorg en Vilans naar aanleiding van nieuwe praktijkonderzoeken naar ondersteuning van digitale en hybride processen in de zorg door technologie.
Integraal onderdeel
‘De uitdaging van zorgtechnologie zit niet zozeer in de innovatie zelf, maar meer in het duurzaam borgen in organisaties’, stelt Paula Maat, implementatiecoach en projectleider Anders Werken in de Zorg Midden- en West-Brabant. ‘Eigenaarschap, beleid en procesoptimalisatie worden steeds belangrijker. Technologie vraagt om duidelijke keuzes, goede randvoorwaarden en inbedding in het dagelijks werk. Je ziet bijvoorbeeld bij het onderzoek naar Expertise op Afstand dat tijdsbesparing bij wondzorg en triage goed mogelijk is, als er een duidelijk beleid is hoe beeldbellen wordt ingezet. Een toepassing als asset tracking wordt daarentegen gehinderd, doordat basisvoorwaarden niet helemaal op orde zijn. Denk aan een volledige netwerkdekking en een goed doordacht tagbeleid. Je kunt innovatie niet als iets losstaands benaderen, het moet echt integraal onderdeel zijn van de organisatie en haar werkwijzen.’
Geen copy-paste-activiteit
Ook Ilse Bierhoff, onderzoeker bij Vilans, benadrukt het belang van het niet klakkeloos overnemen van de werkwijze van een andere organisatie of een businesscase. ‘Het is geen copy-paste-activiteit. Bekijk de context van de organisaties die hun ervaringen delen. Weeg zorgvuldig af wat wel en niet van toepassing is en vertaal dat naar de eigen organisatie. Hoe is het rapportageproces, welke keuzes maken organisaties over wat en hoe rapporteren en hoe kan technologie daarbij ondersteunen? Wat is de visie op vrijheid en veiligheid en wat kan technologie daar mogelijk betekenen? En natuurlijk spelen ook de competenties van medewerkers een rol en het type cliënten. Laat je vooral ook inspireren. De ervaringen van anderen kunnen je aan het denken zetten.’
Vilans heeft in opdracht van Anders Werken in de Zorg Midden-, West- en NoordOost-Brabant praktijkonderzoeken gedaan naar de meerwaarde van verschillende digitale technologieën.
Eindrapportages beschikbaar
De volgende eindrapportages zijn nu beschikbaar.
Asset tracking
Wat is het: via een app of online platform direct zien waar hulpmiddelen die getagd zijn zich bevinden.
Wat is onderzocht: of tijd kan worden bespaard, of de frustratie van een hulpmiddel niet kunnen vinden minder wordt en of inzet en beheer van hulpmiddelen efficiënter wordt.
Conclusie: Asset tracking kan zorgmedewerkers helpen bij het vinden van hulpmiddelen en de verwachting is dat het ook het beheer van hulpmiddelen verbetert. Voorwaarden zijn wel dat de technische systemen betrouwbaar zijn, werkprocessen worden aangepast en het eigenaarschap goed is belegd.
Integraal beleid voor verantwoord op pad met gps-tracker
Wat is het: met een gps-tracker kunnen cliënten met een verhoogd risico op verdwalen toch verantwoord zelfstandig naar buiten.
Wat is onderzocht: de ontwikkeling en de uitvoering van het beleid voor gps-trackers.
Conclusie: gps-trackers ondersteunen organisaties in hun visie op vrijheid en veiligheid en helpt te voldoen aan wettelijke kaders. De uitdaging is wel om alle technologische mogelijkheden niet los van elkaar te zien, maar als onderdelen van een integraal beleid voor vrijheid, veiligheid en kwaliteit van leven. De inzet van gps-tracking vraagt ook te blijven reflecteren op ethische vraagstukken, zoals privacy, monitoring en autonomie.
Samenvattingstool ECD (AI)
Wat is het: een tool die met behulp van AI een samenvatting maakt van rapportages in het Elektronisch Cliëntendossier (ECD).
Wat is onderzocht: of een samenvattingstool het teruglezen van rapportages en daardoor het inlezen en voorbereiden voor een dienst vergemakkelijkt.
Conclusie: zorgmedewerkers vinden de samenvattingen van de onderzochte tool in het algemeen betrouwbaar. Het is wel belangrijk inzicht te hebben in de foutmarges van de tool, de bron van de informatie en het beoordelingsproces. Medewerkers moeten daarom begrijpen hoe AI werkt en wat de risico’s daarvan zijn. De kwaliteit van de samenvattingen is verder afhankelijk van de kwaliteit van de rapportages. Het rapportageproces verder optimaliseren kan daarom verstandig zijn.
Snoezelkap
Wat is het: een kap voor over het bed of een stoel om externe prikkels voor bewoners te verminderen of juist extra aan te bieden.
Wat is onderzocht: het effect op onrustige ouderen met dementie en de invloed daarvan op de zorgprofessionals en het zorgproces.
Conclusie: sommige bewoners lijken door de snoezelkap rustiger te worden en beter te slapen. Medewerkers ervaren hierdoor minder druk en zij hoeven onrustige bewoners daardoor minder te begeleiden. Tegelijkertijd verschillen de effecten van de snoezelkap per bewoner, ook doordat zij daaraan moeten wennen. Introduceer de snoezelkap daarom voorzichtig en neem daar de tijd voor.
Triage- en wondzorg met Expertise op Afstand
Wat is het: zorgmedewerkers die specialisten of behandelaren die elders zijn op afstand advies vragen met beeldbellen of beeldmateriaal beveiligd versturen.
Wat is onderzocht: hoe dit kan worden ingezet bij triage en wondconsultatie.
Conclusie: artsen en andere specialisten kunnen doelmatiger worden betrokken bij de triage en de wondzorg. Dat kan leiden tot beter afgestemde zorg voor cliënten, meer rust in het werkproces, een kortere besluitvormingstijd en minder reistijd voor professional of cliënt. Maar niet alles kan op afstand beoordeeld worden, fysiek contact blijft ook relevant. Ook moet er aandacht zijn voor de ervaring van cliënten en zorgverleners van deze meer digitale werkwijze, omdat het contact met cliënten verandert.
Zorg op afstand
Wat is het: zorgmomenten zonder fysieke handelingen via beeldbellen met de cliënt.
Wat is onderzocht: de verwachte effecten, zoals reis- en zorgtijdbesparing, minder werkdruk en meer werkplezier van de zorgmedewerker en meer zelfredzaamheid van de cliënt.
Conclusie: Zorg op afstand leidt over het algemeen tot een besparing in zorg- en reistijd, maar hoeveel hangt af van hoe het is georganiseerd. Zorg op Afstand stimuleert de zelfredzaamheid van cliënten door de regie over eigen zorgmomenten. Voor zorgmedewerkers kan Zorg op Afstand het werkplezier en de duurzame inzetbaarheid verhogen, met name voor hen die fysiek minder belastbaar zijn. Een risico is wel dat de overige fysieke zorgroutes zwaarder worden, doordat de 'lichtere' zorgmomenten verdwijnen.