Samen leven met dementie
Gepubliceerd op:
In dit blog lees je een ervaring van Tara Koenders, dementie expert bij Vilans. Op weg naar het station in Rosmalen sprak een oudere man mij aan. Hij vroeg de weg naar de Sint-Jan. Vanaf daar, vertelde hij, wist hij wel weer hoe hij thuis moest komen. Bij mij gingen de alarmbellen af.
Vanaf het station is het nog bijna een half uur fietsen naar de kathedraal. Iets in zijn gedrag maakte dat ik het niet helemaal vertrouwde. Daarom stelde ik meneer voor om samen even naar een zorgorganisatie te lopen die vlakbij was. Dan kon hij even uitrusten en wie weet zouden we daar ook mee kunnen denken over een veilige terugweg. Dat vond meneer een goed idee. Gelukkig was er op dat moment net een medewerker klaar met werken die meneer wel even naar huis wilde brengen. Zo haalde ik alsnog mijn trein en wist ik zeker dat meneer niet zou verdwalen. Want dat hij zelf de weg niet goed terug zou vinden, daar was ik van overtuigd. Het was een alledaagse ontmoeting, maar wel een die me aan het denken zette.
Meer mensen met dementie wonen langer thuis
Het aantal mensen met dementie neemt toe. Tegelijkertijd wonen mensen langer thuis. Daardoor komen we dementie steeds vaker tegen in het dagelijks leven. Niet alleen in verpleeghuizen, maar ook op straat, onderweg in trein of tram, in de supermarkt, bij de sportclub of in het buurthuis.
Want de diagnose dementie betekent niet dat het gewone leven stopt.
Tara Koenders, dementie expert bij Vilans
Betekenisvol
Want de diagnose dementie betekent niet dat het gewone leven stopt. Mensen met dementie hebben nog steeds behoefte aan sociale contacten, prikkelende activiteiten en een betekenisvolle rol voor hun omgeving. Ze blijven boodschappen doen en willen nog steeds graag naar het koor of de leesclub, vrijwilligerswerk doen of tijd doorbrengen met familie en vrienden. Dat verandert niet door de diagnose.
Onderzoek laat ook zien dat juíst deze dagelijkse activiteiten en sociale contacten belangrijk zijn voor ons welzijn en kwaliteit van leven. Dit helpt om je identiteit, zelfstandigheid en gevoel van eigenwaarde zo lang mogelijk te behouden.
Mee blijven doen
De vraag is niet alleen hoe we met elkaar goede ondersteuning en zorg organiseren voor mensen met dementie, maar ook hoe we ervoor zorgen dat ze zo lang mogelijk mee kunnen blijven doen in de samenleving. Dat vraagt om een samenleving die rekening houdt met mensen met dementie. Een groeiende groep mensen die steeds langer thuis blijft wonen.
De man die ik die ochtend ontmoette, herinnert me eraan dat de oplossing vaak niet in grote interventies zit. Maar in kleine, alledaagse dingen. Een buur die een oogje in het zeil houdt. Een winkelier die iemand herkent en helpt als iets even niet lukt. Een sportvereniging of buurthuis die meedenkt over hoe iemand met dementie erbij kan blijven horen. Of iemand die op straat even de tijd neemt om mee te lopen. Juist deze vormen van ondersteuning maken het verschil.
Omkijken naar elkaar
Laten we daarom aan de slag gaan met hoe we met elkaar een samenleving kunnen creëren waarin mensen met dementie zo lang mogelijk kunnen blijven meedoen en waar we meer naar elkaar omkijken. Dan kan er nog ontzettend veel wél, met – maar ook zonder – dementie.