Studenten als katalysator van leren en verbeteren
Gepubliceerd op: 29-08-2025
Richt je praktijkleren in de zorg goed in, dan leert iedereen: de student, de zorgprofessional en het onderwijs. ‘Leren van elkaar mag nog véél vanzelfsprekender worden’, vindt onderwijskundig ontwerper Anne van de Graaf. Als practor vertelt ze enthousiast over de kansen die het programma ‘Leren is Werken, Werken is Leren’ (LWWL) daarvoor biedt.
Met dit programma jagen zestien zorgorganisaties, het Talland College en ROC Vonk praktijkleren in Noord-Holland aan. Anne van de Graaf doet dat vanuit het practoraat ‘Praktijkleren Gezondheidszorg, Welzijn en Sport’. Doel van een practoraat in het mbo is om praktijkgericht onderzoek te doen en nieuwe kennis te ontwikkelen die direct bijdragen aan verbetering van onderwijs en beroepspraktijk. In haar rol als practor werkt Anne als innovator en coördinator samen met vijf docentonderzoekers.
Up-to-date
‘Kwartjes vallen veel eerder als je kennis verbindt aan praktijkervaringen,’ ziet Anne, ‘dan leer je veel makkelijker.’ Dat leren werkt twee kanten op. Niet alleen leren studenten op de werkvloer van werkbegeleiders en zorgprofessionals. Ook zorgprofessionals worden geprikkeld door de leergierige vragen, houding en nieuwe kennis die studenten meebrengen. En het onderwijs blijft up-to-date: ‘Studenten kun je zien als grensgangers. Ze verbinden twee werelden en brengen ervaringen, kwesties en ontwikkelingen mee terug naar de opleiding. Bij praktijkleren beweegt het onderwijs hierin mee door hier expliciet aandacht te besteden.’
Bewonersgang als leerafdeling
Het onderwijs meer praktijkgericht inrichten is een van de doelen van Leren is Werken, Werken is Leren. ‘Praktijkleren is echt iets anders is dan een reguliere stage in de zorg,' benadrukt Anne, ‘veel studenten krijgen vleugels van autonomie.’ Als goed voorbeeld noemt ze leerafdelingen. Deze vorm van praktijkleren is al gebruikelijk in ziekenhuizen, maar in de langdurige zorg vrij nieuw. Bij voorkeur is er op een leerafdeling een mix van beginnende en meer ervaren mbo- en hbo-studenten van verschillende opleidingen. Die runnen bijvoorbeeld samen een gang in een woonvoorziening.
Op de leerafdeling leren studenten en werkbegeleiders met en van elkaar. ‘Tijdens een gewone stage kan je soms wegduiken in een team. Maar op een leerafdeling ben je zichtbaar en laat je zien wat je in huis hebt. Mooi vind ik ook dat hbo’ers aangeven dat ze leren van mbo’ers. Die hebben praktische handelingen vaak al beter onder de knie. En je slaat twee vliegen in een klap: de werkvloer wordt ontlast als studenten eenvoudige zorg zelfstandig mogen uitvoeren.’ Vier keer per jaar organiseert het practoraat een kennisbijeenkomst om ervaringen van alle regionale leerafdelingen uit te wisselen. ‘Daar halen wij op waar ze tegenaan lopen en voegen kennis toe.’
Over en weer leren
Met en van elkaar leren is nog niet altijd vanzelfsprekend, ziet de practor. Praktijkleren vraagt anders denken: ‘Het onderwijs was geneigd om bijvoorbeeld te beginnen met het aanleren van algemene dagelijkse handelingen: ADL. Terwijl de praktijk aangeeft dat ze liever wil dat studenten leren om eerst contact te maken met de cliënt. Als je verbinding met de cliënt hebt, volgt de rest vanzelf. Omgekeerd houdt praktijkleren ook in dat je als werkbegeleider vaker je handen op je rug houdt en korte reflectiemomenten na een handeling benut. En dat je je openstelt voor een docent die aan het team wordt toegevoegd, die andere vragen stelt aan studenten dan je gewend bent.’
Katalysator
Studenten kunnen volgens Anne een katalysator zijn in lerend- en verbetergericht werkgedrag. ‘Leren is veelzijdig en gebeurt ook informeel. Zo blijven werkbegeleiders scherp als ze beroepsmatig redenen, dus hun stappen moeten uitleggen. Dan worden ze zichzelf weer bewust van hun handelingen. En soms brengt een student een nieuwe handeling in die nog beter werkt. Ook zie je dat zorgprofessionals zichzelf weer door de ogen van een ander zien. Bijvoorbeeld als een cliënt beter reageert op een student, omdat die niet automatisch hard praat of iets geduldiger is.
Of neem vergaderingen: je kunt een collega vragen om een inhoudelijk thema voor te bereiden of afspreken om samen vooraf iets te lezen. Tijdens het LWWL-programma maakten we leidinggevenden bewust van wat leren allemaal is. En dat het enorm helpt als je hier zelf rolmodel in bent. Bijvoorbeeld door feedback te vragen, dagelijkse leermomenten te benoemen, en complimenten te geven.’
Lessen uit ‘Leren is Werken, Werken is Leren’
- Sta open voor wat studenten te bieden hebben.
- Vraag actief naar hun ideeën en ervaringen.
- Bied ruimte om te oefenen en fouten te maken.
- Zorg voor gezamenlijke reflectiemomenten.
- Benoem expliciet wat je van elkaar leert.
Sta open voor verandering
‘Mijn grootste ambitie voor praktijkleren? Dat mensen lerend- en verbetergericht werkgedrag laten zien’, zegt Anne. ‘En dan heb ik het niet alleen over je werk sneller of efficiënter doen. Maar vooral dat je openstaat voor verandering. Blijf nadenken bij wat je doet en blijf je daarin ontwikkelen. Schiet niet meteen in de weerstand als het bijvoorbeeld om zorgtechnologie gaat. Ga het onderzoeken, praat erover met een collega, luister er een podcast over. Verandering hoef je echt niet met angst en beven tegemoet te zien. Je kunt altijd nieuwe dingen blijven leren.’
Lees meer over het programma Leren is Werken, Werken is Leren