Wouter van den Elsen

Wouter van den Elsen

Hoogleraar Jan Kremer definieert 'goede persoonsgerichte zorg'

Persoonsgerichte zorg aanbieden voor mensen met een beperking blijft een uitdaging. Naar aanleiding van de tweede voortgangsrapportage over het programma Volwaardig leven reflecteert Jan Kremer, voorzitter van de Kwaliteitsraad van Zorginstituut Nederland en tevens hoogleraar patiëntgerichte innovatie aan het Radboudumc, over hoe ‘persoonsgerichte zorg’ als kwaliteitscriterium gewogen kan worden.

26-10-2020

Onlangs is de tweede voortgangsrapportage, geschreven door de minister voor Medische Zorg, gepubliceerd met daarin onder andere de eerste resultaten van het programma Begeleiding à la carte. Hierin begeleidt Vilans 34 organisaties in de gehandicaptenzorg bij het innoveren en vernieuwen van persoonsgerichte zorg. Maar wat verstaan we eigenlijk onder die term? Kremer zegt: ‘Persoonsgerichte zorg gaat over het leven van mensen die zorg nodig hebben. Hierbij staat de kwaliteit van hun leven voorop en niet zozeer de zorgverlening an sich.’

Bekijk de voortgangsrapportage

Drie fases

Historisch gezien is volgens Kremer op drie manieren naar persoonsgerichte zorg gekeken. ‘Je had eerst de ‘fase van de professional’. In die periode bepaalden professionals wat de goede dingen zijn voor mensen. Daarvoor zijn ze immers opgeleid en dat hoef je niet aldoor te controleren. Later zijn we langzamerhand een tweede periode ingegaan van ‘evidence based’-zorg. Daarin was de heersende gedachte dat je goede zorg ook in statistieken en meetbare resultaten moet kunnen vastleggen en bewijzen. Iets wat in de curatieve zorg al heel lang de heersende visie is, maar dat ook steeds meer in de langdurende zorg werd geïntroduceerd. Bijvoorbeeld met de komst van kwaliteitsmetingen en kwaliteitsscores. Nu belanden we langzamerhand in de fase die je ‘samen leren’ zou kunnen noemen. Hierin zetten we wetenschappelijk bewijs zeker niet overboord, maar letten we wel meer ook op het individuele verhaal. Want wat goede zorg voor de één is, hoeft niet goed te zijn voor een ander. Hierin hebben we ook veel meer oog voor de omgeving van de cliënt en betrekken we de familie en mantelzorgers er veel meer bij.’

Wat goede zorg voor de één is, hoeft niet goed te zijn voor een ander.

Goede zorg

Maar wat verstaat de Kwaliteitsraad momenteel dan onder persoonsgerichte zorg? Kremer: 'Goede zorg of persoonsgerichte zorg heeft veel te maken met ‘het goede leven’, gedefinieerd vanuit het perspectief van de cliënt. De Kwaliteitsraad hanteert daarbij drie principes die voor veel mensen belangrijk zijn bij het leiden van een goed leven:

  1. Een bepaalde mate van autonomie.
  2. In verbinding staan met anderen.
  3. Betekenisvol bezig zijn.

Goede zorg zou hierop moeten aansluiten door het versterken van de mogelijkheden en gezondheid van cliënten voor eigen regie, sociale activiteiten en persoonlijke zingeving.' Die drie principes zijn niet heel ‘hard’ meetbaar, erkent Kremer. 'Nee, je zou het bijna softe criteria noemen. Maar daarmee erkennen we dat goede, persoonsgerichte zorg ook persoonlijk, pluriform en moreel geladen is. Het is afhankelijk van waarden en normen van alle betrokkenen over wat zij als een goed leven zien.'

Goede persoonsgerichte zorg is óók persoonlijk, pluriform en moreel geladen.

Afwegen

Als de criteria zo ruim zijn gedefinieerd, hoe kan de Kwaliteitsraad dan afwegen of een zorgaanbieder al dan niet goede persoonsgerichte zorg aanbiedt? 'Hier komen meetbare data, subjectieve ervaringskennis en relationele/professionele kennis samen. We nemen alle drie deze aspecten mee in onze weging. Dus de meetbare ‘datagedreven’ kennis, de ervaring en de kennis van de zorgprofessional. En natuurlijk de kennis van de cliënt als expert over zijn eigen aandoening.'

Of Kremer daar ook een praktijkvoorbeeld van kan geven? 'Zeker! In mijn praktijk als medisch specialist had ik in de beginjaren van mijn carrière nogal de neiging om patiënten tijdens consulten te overspoelen met alle data en wetenschappelijke kennis over hun aandoening. Tegenwoordig ga ik eerst koffie halen en spreek ik ze meer vertrouwelijk. Dat spaart enorm veel tijd, want met zo’n open gesprek komen we op een vrij natuurlijke manier op wat mensen zélf als persoonsgerichte zorg willen ontvangen. En dat is dan ook meteen de juiste zorg.'

Begeleiding à la carte

Benieuwd waarmee de gehandicaptenzorg aan het experimenteren is om betere persoonsgerichte zorg aan te kunnen bieden? Lees dan over de eerste resultaten op weg naar persoonsgerichte zorg

Meer informatie? Neem contact op met:

PetraSenior adviseur
Petra
van Alphen
Senior adviseur p.vanalphen@vilans.nl
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl