Naar hoofdinhoud

6 tips van Zorgvernieuwers om innovatie beter te positioneren

Innovatie op een structurele manier positioneren in de organisatie, dat is knap lastig. Dat blijkt ook uit de gesprekken met 21 innovatoren (‘Zorgvernieuwers’) die onlangs samenkwamen tijdens het Zorgvernieuwersontbijt, dat elke maand door Vilans gefaciliteerd wordt. Het gesprek leverde 6 tips, dilemma’s en afwegingen op om mee te nemen wanneer u innovatie beter wil positioneren.

  1. Zoek een balans in top-down versus bottom-up Bij de ene organisatie werkt men met een vast innovatieteam waarin veel managementfuncties vertegenwoordigd zijn, bij de ander is er geen vast team, maar bepaalt het thema wie aansluit bij het innovatieteam. Bij weer een ander sluiten medewerkers uit de praktijk aan bij alle fasen (van initiatie tot evaluatie). Waar u ook voor kiest: zorg voor een goede balans. Door top-down mogelijk te maken wat bottom-up nodig is.
  2. Denk na aan welke afdeling innovatie gekoppeld wordt Veel innovatoren zijn gekoppeld aan afdelingen Beleid en/of ICT. Zeker bij organisaties die veel met zorgtechnologie bezig zijn, wordt het korte lijntje met ICT handig gevonden. Toch valt er wat voor te zeggen om innovatie elders te beleggen. Zelfs voor het slagen van technologische innovaties is het sociale aspect minstens zo relevant als het technologische aspect. Een koppeling met HRM of Opleiding kan dus ook van meerwaarde zijn, hoewel dat nu weinig voorkomt. Overigens blijkt innovatie vaak ook helemaal nergens belegd. Sommige innovatoren hebben niet eens een functieomschrijving. Waar innovatie ook belegd wordt, bedenk goed hoe een eventuele innovatie-afdeling zich verhoudt tot verschillende takken van zorg binnen uw organisatie. Sommige innovatoren werken voor een specifieke tak (bijvoorbeeld thuiszorg of revalidatie), terwijl anderen juist overstijgend werken. Beide keuzes hebben voor- en nadelen.
  3. Denk na over een innovatiestrategie Veel organisaties hebben innovatie in de strategie staan. Een innovatiestrategie is daarentegen bij veel zorgaanbieders nog in ontwikkeling. Maar hoe komt zo’n innovatiestrategie tot stand? Ga je eerst een gedegen plan maken, of ga je direct starten? Beide opties hebben voordelen. Door te starten met het maken van een plan kun je weloverwogen keuzes maken voor een innovatieproces en passende methodieken. Als je direct start kunt je continu leren van je ervaringen en een plan ontwikkelen. Veel Zorgvernieuwers zijn geschrokken van het aantal innovatieprojecten binnen hun organisatie. Daarom kiezen sommigen ervoor om geen nieuwe projecten te starten, maar te starten met het verbeteren van de huidige innovatieprojecten. Een goede tip is om aan portfoliomanagement te doen. Zodat de samenhang van projecten zichtbaar wordt. Iets níét doen of iets stoppen, is erg lastig. Zorg er daarom voor dat er criteria zijn die bepalen om wel of niet met een innovatie te starten en/of verder te gaan. Dat kan thematisch, zodat projecten of ideeën beter aansluiten bij thema’s die de organisatie belangrijk vindt. Criteria kunnen ook procesmatig zijn. Bijvoorbeeld: welk probleem lost de innovatie op? En lost het dat ook daadwerkelijk op? En wat is de meerwaarde voor client en zorgprofessional?
  4. Probeer hoge verwachtingen te managen De verwachtingen wat betreft innovatie vanuit management liggen vaak hoog. Innovatie wordt soms als tovermiddel gezien om problemen (snel) op te lossen. Zo werkt het helaas niet. Probleemdefinitie is bijvoorbeeld een belangrijk onderdeel van innoveren. Dat kost veel tijd, en heeft niet direct zichtbaar meerwaarde. Pas op lange termijn betaalt zich dat uit. Veel innovatoren worden bovendien overvraagd. Alles moet tegenwoordig te linken zijn aan innovatie. Zorgvernieuwers geven daarom de tip om te bepalen waar je wel en niet van bent. Dat kan thematisch, maar ook procesmatig. Projecten moeten op een gegeven moment ook overgedragen kunnen worden aan de organisatie. Innovatoren geven aan dat projecten vaak te lang aan hun afdeling blijven ‘plakken’.
  5. Innovatie onderdeel maken van functies, of juist niet Van innovatoren wordt vaak verwacht dat zij voor innovatie zorgen. Terwijl de meeste innovatoren innovatie als iets van de hele organisatie zien. Overweeg daarom of u medewerkers functies en rollen met betrekking tot innovatie geeft, of juist niet. Het aanstellen van een aandachtsvelders innovatie kan helpen, maar ook averechts werken. Eén Zorgvernieuwer heeft als tip om zorgtechnologie en innovatie los te trekken van elkaar. Hierdoor zijn de taken van hun afdeling zorgtechnologie beter afgebakend. De afdeling past vervolgens wel innovatieve werkwijzen en methodieken toe (zoals Design Thinking). Daardoor is er veel vraag naar hun competenties, maar kunnen zij makkelijker ‘nee’ zeggen tegen verzoeken die buiten hun werkzaamheden liggen.
  6. Creëer urgentie voor innovatie Innovatie betaalt zich vaak pas op langere termijn of indirect uit. Daarom is het soms lastig om innovatie top-of-mind te krijgen, zowel bij zorgmedewerkers, als bij management, als bij ondersteunende diensten. Met name bij de twee laatstgenoemde groepen moet een noodzaak gevoeld worden, wil innovatie slagen. Zorgmedewerkers ervaren vaak de Shit of Yesterday als drempel: door bijvoorbeeld een recente reorganisatie voelen medewerkers niet de ruimte om met innovatie bezig te zijn. Als tip geven Zorgvernieuwers om de meerwaarde van innovatie zo veel mogelijk on-the-job te laten ervaren. Dus geen losse training Design Thinking of Agile werken, maar al doende leren in een project. Zo wordt de meerwaarde direct ervaren. Ook is het van groot belang dat de innovatie een probleem oplost. Tot slot wordt interne communicatie aangeduid als onderbelicht middel om urgentie te creëren en meerwaarde te laten zien, waarbij taalgebruik erg belangrijk is. Zo kunnen zorgprofessionals een aversie hebben tegen de term ‘arbeidsbesparend’, terwijl de term ‘arbeidsondersteunend’ als prettig wordt ervaren. 

Auteurs: Irene Feenstra (programmamanager Innovatie en Digitale Vaardigheden bij Zorgpartners Midden-Holland), Wirna van Gastel (adviseur Zorginnovatie bij Avoord), Lotte Cornelisse (adviseur Innovatie en eHealth), Bart van Mierlo (adviseur Innovatie bij Vilans)

Deel via

Contactpersoon