Positieve Gezondheid: van subsidie naar structurele borging
Gepubliceerd op: 25-06-2026
Positieve Gezondheid staat vaak in de plannen van domeinoverstijgende netwerken. Toch blijkt het een uitdaging om dit gedachtegoed in de praktijk te brengen. Een drieluik van verhalen belicht de valkuilen en laat zien hoe netwerken hiermee omgaan. In dit deel: de invloed van de financiering van het netwerk.
Kwetsbaarheid van tijdelijke financiering
Om Positieve Gezondheid in de praktijk te brengen is het belangrijk dat verschillende domeinen samenwerken. Dat gebeurt vaak in netwerken. Vooral in de opstartfase zijn deze netwerken afhankelijk van subsidies, bijvoorbeeld vanuit het Integraal Zorgakkoord (IZA). Met een subsidie stelt het netwerk bijvoorbeeld een coördinator aan.
De duur van dit soort subsidies is relatief kort. De implementatie van een gedachtegoed als Positieve Gezondheid is een cultuur- en gedragsverandering en vraagt juist om een lange adem. Een risico hierbij is dat als de financiering afloopt, de samenwerking stilvalt en er geen ruimte meer is voor het borgen van het gedachtegoed.
Een van de geïnterviewden zei: ’Op het moment dat de financiering wegvalt, dan ploft gewoon het hele netwerk in elkaar, want niemand neemt dan meer initiatief.’
Als de tijdelijke financiering afloopt, moeten netwerken bijvoorbeeld een eigen bijdrage vragen van de deelnemende organisaties. Het risico is dat organisaties het gedachtegoed omarmen als hun inzet vergoed wordt, maar een eigen bijdrage van iedere deelnemer een drempel is. Hierdoor haken organisaties soms af.
Implementatie ‘klaar’, financiering stopt
Tijdens de subsidieperiode worden er vaak veel medewerkers getraind in het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Vaak wordt ten onrechte gedacht dat de implementatie na deze trainingen is afgerond en dat de financiering kan worden afgebouwd. Terwijl er juist in de periode na de eerste training veel aandacht nodig is voor borging.
Dubbele rol zorgverzekeraar
Ook zorgverzekeraars proberen steeds meer mee te bewegen en een actieve rol te nemen. Soms zijn ze partner in de netwerken. Tegelijkertijd beoordelen ze deze netwerken en bepalen zij de voortgang van de financiering. Deze dubbelrol kan soms ruis in de samenwerking brengen.
Mismatch tussen transformatie en afvinklijstjes
Om subsidie te krijgen, moeten netwerken vaak meetbare doelen formuleren. Maar de implementatie van Positieve Gezondheid is lastig in doelen te vatten. Het risico is dan dat het gedachtegoed wordt teruggebracht naar ontelbare afvinklijstjes die op de korte termijn gemeten kunnen worden, bijvoorbeeld het aantal valpreventietrainingen in de regio.
’Wat zie je sommige bestuurders nu doen? Die gaan er nu voor zorgen dat ze in ieder geval die KPI’s af kunnen vinken, zodat ze financiering krijgen’, zei een van de deelnemers aan het onderzoek.
Strategieën voor een duurzaam visiegedreven netwerk
- Denk bij de start van het netwerk al na over hoe het netwerk door kan blijven gaan als de subsidie ophoudt. Voer tijdig het gesprek over een eventuele eigen bijdrage van deelnemers.
- Maak duidelijke procesafspraken: bespreek van tevoren heel duidelijk de verschillende rollen van de zorgverzekeraar (als partner én als beoordelaar) om scheve verhoudingen te voorkomen.
- Bespreek de financiële belangen: wees eerlijk over het feit dat preventie het huidige verdienmodel van zorgorganisaties kan raken en zoek samen naar oplossingen.
- Gebruik een manier van meten die past bij het gedachtegoed. Kijk behalve naar de cijfers ook naar de maatschappelijke waarde en de verhalen uit de praktijk.
- Gebruik reflectiecirkels: kom als partners regelmatig bij elkaar om te bespreken wat je ziet gebeuren.
Zonder structurele financiering blijft Positieve Gezondheid een ambitie. Duurzame verandering vraagt om meer dan subsidie alleen; om structurele keuzes en gedeeld eigenaarschap. Alleen dan wordt Positieve Gezondheid een blijvende beweging.
Andere verhalen uit dit drieluik
Totstandkoming van het drieluik
Deze artikelen hebben wij gemaakt naar aanleiding van een verkenning naar het effect van het werken vanuit Positieve Gezondheid op de samenwerking in domeinoverstijgende netwerken. Hiervoor hebben wij een deskresearch uitgevoerd, en interviews gehouden met contactpersonen uit verschillende domeinoverstijgende netwerken door heel Nederland.
We bedanken alle geïnterviewden voor hun bijdrage:
Henk Abels, Mirjam Bedeke-Schouten, Lotte Coenen, John Dierx, Sandra Koster-Van Hogen, Stef Kremers, Jan Willem Leidekker, Stefanie Mouwen, Mariska van Rheenen, Eva van Steenbergen, Cinthya de Vaal, Loek Vaessen, Kirsha de Vries, Brigit Wuffen.