Naar hoofdinhoud Naar footer

Portrettenreeks Reablement: Je moet het leven dat mensen voorheen hadden zo veel mogelijk laten doorlopen

Steeds meer zorgorganisaties werken vanuit ‘reablement’ aan zelfredzaamheid, eigen regie en autonomie van hun bewoners. Maar hoe ondersteun je cliënten daar het best bij? En hoe wen je er als zorgmedewerker aan om meer ‘met de handen op de rug’ te werken? In deze portretreeks nemen we je mee langs zorgorganisaties die reablement vertalen naar hun praktijk. In dit artikel spreken we erover met een hbo-verpleegkundige die werkzaam is bij ZuidOostZorg.

Waarom is het volgens jou belangrijk om zelfredzaamheid te stimuleren?

‘Ik zie dat mensen positiever in het leven staan als ze dingen zelf kunnen doen. Mensen ervaren het nut ervan en voelen zich trots. Dat zeggen cliënten dan ook tegen mij.’

Wat maak je mee in je praktijk?

‘Ik kwam bij een cliënt op hoge leeftijd, die alleen nog in de stoel in de woonkamer wilde slapen. Ze was boos en wat stug. Dan laat ik de cliënt vaak het gesprek leiden en vraag wat deze graag wil. Toen ik vanuit verpleegkundig oogpunt vroeg waarom deze cliënt niet op bed wilde slapen, vertelde ze dat haar rug en stuit pijn deden. Door met haar in gesprek te gaan, kwam ik erachter dat ze haar bed niet goed vond. Ik heb uitgelegd en laten zien wat de mogelijkheden van het bed waren die het probleem misschien wel konden verminderen, en ik stelde voor om het slapen toch op bed te proberen. En als het niet lukte, dan kon ze gewoon alarmeren en hulp inschakelen om weer in de stoel de nacht door te brengen.’

‘De cliënt koos uiteindelijk om op bed te gaan slapen. Ze sliep drie nachten wat onrustig. Daarna ging het slapen op het bed goed en gaf ze aan beter te slapen. Het gaf haar rust en vertrouwen dat ze hulp in kon schakelen wanneer ze weer in de stoel wilde slapen, al was het midden in de nacht.’

‘Dat proces kostte niet veel tijd. Drie contactmomenten van 15 minuten. Mijn aanpak bestaat uit drie onderdelen: 

  1. Presentiebenadering - er echt zijn voor de cliënt.
  2. Motiverende gespreksvoering - hoe steeds een stapje verder te komen.
  3. Eigen regie stimuleren - de cliënt bepaalt.’

‘In het cliëntendossier heb ik onze gemaakte afspraken genoteerd, zodat ook collega’s op de hoogte zijn. Doordat haar zoon mee kan lezen in dit dossier, wist hij gelijk wat er was afgesproken en stimuleert hij zijn moeder nu ook om in bed te slapen.’

Wat is reablement?

Ouderen wonen langer thuis, en willen zich daar zo goed mogelijk zelf kunnen redden. ‘Reablement’ is sinds een paar jaar dan ook een populair onderwerp in de Nederlandse VVT-sector. Sommige mensen vinden dat oude wijn in nieuwe zakken. Anderen zien in reablement een prachtige moderne ontwikkeling. Maar we kunnen het erover eens zijn dat het werken aan autonomie, eigen regie en zelfredzaamheid van ouderen een mooie manier is om de ouderenzorg persoons- en levensgerichter te maken. En dat is precies wat we met reablement willen bereiken.

Bij reablement bekijken zorgprofessionals samen met ouderen wat zij graag (weer) zelf zouden willen kunnen. Dat gebeurt in de thuiszorg, maar ook steeds vaker in verzorgingshuizen. Wil de cliënt bijvoorbeeld graag minder afhankelijk zijn van het moment waarop de thuiszorg of verzorgende langskomt? Graag (weer) zelf boodschappen kunnen doen? Een oude hobby weer op kunnen pakken? Dan wordt daar een plan voor gemaakt en gekeken naar oefeningen, hulpmiddelen en technologie om dat mogelijk te maken.

Wat heeft het de cliënt opgeleverd?

  • Meer ontspanning, beter slapen, minder pijn aan de rug en stuit.
  • In het begin was de cliënt wat gesloten en boos en vertelde ze: ‘Ik doe nukkig, omdat ik niets meer kan.’ Nu zien we weer een lieve, vriendelijke vrouw.
  • Meer eigen regie en bevestiging dat er geluisterd wordt.

Wat heeft het mij opgeleverd?

  • Ergonomisch gezonder werken voor mij én mijn collega’s.
  • Een fijner contact met de bewoner, die minder ongelukkig is omdat ze dacht nóg meer te moeten inleveren.

Wat inspireert jou om zelfredzaamheid te stimuleren?

‘Ik heb altijd wel de vragen gesteld die bij me opkomen. Ik heb ook gemerkt dat er een vast patroon is ontstaan: de zorg neemt de verantwoordelijkheid op zich en familieleden of bewoners verwachten dat ook. Dit patroon wil ik doorbreken.’

‘Toen we begonnen met het werken vanuit het principe van reablement, besefte ik dat we wel heel veel doen. Een eenvoudig voorbeeld: een collega maakt elke avond een ronde om alle bewoners welterusten te wensen. Toen ik haar vroeg waarom ze dit deed, was haar antwoord: “Dat doe ik altijd.” Ik denk dat dit op een andere manier kan worden opgelost, bijvoorbeeld door de bewoner voor het naar bed gaan zijn of haar kinderen te laten bellen. Het komt vaak voor dat familieleden van een cliënt, wanneer die bij ons komt wonen, een tas vol medicatie meebrengen en zeggen: “Hier, regel dit maar.” Dan vraag ik me af: hoe ging u hiermee om toen u thuis was?’

‘Reablement vraagt om in gesprek te gaan met de mantelzorger. Soms heeft die even rust nodig en daarna kunnen we opnieuw bekijken wat de mantelzorger of naasten nog zelf kunnen doen. Het is echt een samenwerking met het netwerk van de cliënt.’

Hoe stimuleer jij de zelfredzaamheid?

‘Ik benader mensen altijd positief en vraag: ‘Ik vond het heel goed gaan. Hoe vond u het zelf gaan?’ Dan krijg ik heel verschillende reacties. Ik bekijk het gedrag van mensen ook wel eens vanuit het gedrag van dieren en maak dan dit onderscheid:

  1. Er zijn muisjes - zij zijn stil en cijferen zichzelf weg.
  2. Er zijn slangen - zij proberen er steeds onderuit te komen en willen door ons geholpen worden.
  3. Er zijn tijgers - zij willen niet veranderen, zien allerlei beren op de weg en zien nog niet wat het oplevert als ze het zelf doen.’

‘Als mensen zich wegcijferen en wat stilletjes zijn (de muisjes), zeg ik: “Ik vind dat u het goed doet”. En zo probeer ik steeds meer stapjes te maken met de bewoner. Zelfvertrouwen geven. Bij mensen die steeds wegglippen (de slangen) vraag ik mezelf steeds af wat ik doe en wat ik denk dat de cliënt zelf kan. Als team is het belangrijk om dezelfde aanpak te hebben en ook op te volgen. Anders vraagt een bewoner steeds die ene ‘zachte’ collega om het over te nemen. Dan lukt het werken vanuit reablement niet en worden mensen niet gestimuleerd tot zelfredzaam zijn. Als mensen niet willen veranderen (de tijgers), zeg ik: “Ik denk echt dat dit kan lukken. Dit is nieuw en heeft u nog niet eerder gedaan.” Een voorbeeld is het aanbieden van de Medido aan een cliënt: “Wij denken dat het kan gaan lukken. We willen dit uitproberen en we denken dat we goed bij u kunnen beginnen”. Het resultaat? Van elke dag standaard bellen voor de medicatie, ging het naar ‘bellen als het niet goed gaat’. En dat gebeurt zelden.’  

‘Het is niet de bedoeling om het als wedstrijd te beschouwen en te denken: “Ik ga alles inzetten om de ander het zelf te laten doen”. Het gaat erom hoe iemand zoveel mogelijk zelfredzaam en autonoom kan zijn. Iemand hoeft zich dan bijvoorbeeld niet meer (soms letterlijk) bloot te geven. Dat kan heel fijn zijn en iemand vrijheid geven. Daarvoor kijk ik ook naar hulpmiddelen die iemand kan gebruiken naast de zorg die ik bied.’

Hoe pak je zelfredzaamheid met je team op?

‘Kleine successen benoemen. Met mijn team vier ik het als we een veranderingsdoel bij een cliënt hebben bereikt. Dan benoemen we dat we er trots op mogen zijn dat het gelukt is. Al is het maar iets kleins, voor een bewoner is het groot. Zo willen we doorgaan. Ook wij hebben onze doelen en bespreken deze voortdurend. We willen dat onze cliënten zelf dingen kunnen (blijven) doen. Altijd ten behoeve van hun welzijn.’

‘Soms geven collega’s nog aan dat het sneller gaat als ze iets zelf doen in plaats van het de cliënt zelf te laten doen. Maar voor ons is juist de vraag hoe wij als zorgverlener deze cliënt kunnen helpen om zoveel mogelijk zelfstandig te blijven. Vaak is het eerst tijd investeren en later win je tijd. Gezamenlijk blijven we reflecteren op wat we doen en wat we kunnen gaan doen.’

Welke tips heb je voor collega’s?

  • Ben je er steeds bewust van wat jij doet en bedenk wat de cliënt zelf kan doen. 
  • Vraag je steeds af: welke zorghandeling kan iemand (weer) zelf uitvoeren?
  • Vraag je steeds af: heb ik hier mijn diploma voor gehaald? Een voorbeeld: waarom doe ik de afwas als de cliënt of familie het kan doen?
  • Vraag je steeds af: wat doe ik en waarom doe ik dat? Dan merk je vaak dat je vaak heel veel onnodig overneemt.

Meer informatie?

Deel deze pagina via: