Jeanny Engels

Jeanny Engels

Hugo Borst en Carin Gaemers te gast

Hugo Borst en Carin Gaemers waren donderdag 21 december bij ons te gast. Zij startten met hun manifest een beweging in de verpleeghuissector en richten zich nu op de wijkverpleging. ‘Of we hierover ook met een manifest zullen komen of een minder activistische route zullen bewandelen weten we nog niet’, zegt Borst. ‘Eerst proberen we te achterhalen wat er precies speelt.’

Borst en Gaemers overlegden met onze deskundigen Jeanny Engels, Jennie Mast, Lia Davelaar en Rian van de Schoot. Door een vraag- en antwoordgesprek willen Borst en Gaemers een betere grip krijgen op de actuele situatie in de thuiszorg, met name de wijkverpleging. Een kleine greep uit het gesprek:

Waarom is het verschil tussen intramurale zorg en extramurale zorg zo groot?’

‘Omdat de thuissituatie echt anders is. Kern van het thuiswerken is dat je bij de cliënt te gast bent en in die situatie alleen werkt, vaak samen met de partner of familie. Dat maakt het werk anders dan in het verpleeghuis. In de wijkverpleging werken zorgverleners met uiteenlopende functies en deskundigheidsniveaus samen in al dan niet zelfsturende teams om zorg in de thuissituatie te garanderen. Een bijzondere rol in de wijkverpleging is weggelegd voor de wijkverpleegkundige, die in feite de spil is van de zorgverlening.’

De wijkverpleegkundige is de spil van de zorgverlening

Waarom is er zoveel taakdifferentiatie? 

‘Het klopt dat er veel verschillende mensen over de vloer komen bij cliënten. Door de drie verschillende zorgwetten (Wmo, Zvw en Wlz) zijn allerlei verschillende aspecten van de thuiszorg ergens anders ondergebracht. Zo is de ondersteuning voor het huishouden ondergebracht bij de gemeenten in de Wmo. De financiering van de ziekte gerelateerde, maatschappelijke gezondheidszorg ligt bij de verzekeraars in de Zvw. En een klein deel van zware thuiszorg wordt via de zorgkantoren uit de Wlz bekostigt. Door die verschillende financieringsschotten komen er zorgmedewerkers vanuit allerlei organisaties bij mensen over de vloer. En dan hebben we het niet eens over gezinnen waar ook zaken lopen als jeugdzorg of schuldhulpverlening.’

Maar dat snapt toch geen mens? Ik begrijp de verwarring wel waar mensen over klagen. Kan dit niet anders geregeld worden?

‘Tja. Het gaat om financieringsstromen. Als je die aanpast komen de muurtjes weer ergens anders te staan. In de ideale situatie zouden de cliënt en de zorgmedewerker geen hinder ondervinden van de schotten. In principe is de wijkverpleegkundige de verbindende en professionele schakel tussen zorg, welzijn en preventie voor thuiswonenden cliënten. De wijkverpleegkundige moet als ‘zichtbare schakel’ het overzicht houden over alle vormen van zorg die geleverd worden in een thuissituatie. Maar de financiering voor de ‘zichtbare schakel’ is gestopt. Daarom horen wij ook dat in de praktijk veel verwarring is over de gefragmenteerde zorgverlening.’

Vroeger fietste één wijkzuster door de wijk die alles deed. Dat werkte heel goed. Waarom kunnen we niet meer terug naar de tijd vóór dat alles werd opgesplitst in verschillende taken?

‘We hebben in de afgelopen vijftig jaar inderdaad toenemende specialisatie gezien in alle beroepsgroepen, inclusief de zorg. Het teveel opsplitsen in taken heeft echter ook duidelijk een negatief effect gehad voor de zorgvragers en zorgverleners. Dat is bij veel thuiszorgorganisaties daarom al (gedeeltelijk) veranderd en weer teruggedraaid naar meer integrale zorg. Waar het in de thuiszorg nog negatieve effecten heeft, moeten we kijken of het terug te draaien is. Bijstellen daar waar het nodig is en het problemen oplevert en daarbij leren van het verleden. Dat zal lastig zijn nu er onvoldoende deskundige mensen op de arbeidsmarkt zijn.’

Zijn er tekorten in de wijkverpleging?

‘In 2015 werkten er circa 8.800 hbo-wijkverpleegkundigen in de wijkverpleging (7560 wijkverpleegkundigen, 955 gespecialiseerd verpleegkundigen en 285 casemanagers dementie), waarbij er sprake was van een tekort van 4 procent (350 wijkverpleegkundigen). Dit tekort is de afgelopen twee jaar fors toegenomen (naar 1.000 in 2016) en zal, mits er geen actie wordt ondernomen, blijven stijgen (naar mogelijk 2.000 in 2019). Uit onderzoek blijkt dat er in 2019, naar verwachting, tussen de 10.000 en 13.500 wijkverpleegkundigen nodig zullen zijn (toename van 8 procent – 45 procent. t.o.v. 2015). Ook aan verzorgenden in de wijk is een gebrek, al zijn daarvan geen officiële cijfers bekend.’

Is het een geldkwestie?

‘De druk op de wijkverpleging komt van vele kanten. Naast taakversnippering en onderbezetting is het ook zo dat de ene wijk de andere niet is. In Den Haag heb je bijvoorbeeld de villawijk Zorgvliet en de Schilderswijk. In de ene wijk kan het verpleegkundige team het relatief makkelijk aan en in de andere wijk is het kantje boord. Om rechtsongelijkheid te voorkomen zouden gemeenten en verzekeraars veel beter moeten samenwerken om tot echte integratie van zorg te komen. Dat heeft meer met organisatie te maken dan met financiering. Maar echte integrale zorg op wijkniveau hebben we inderdaad nog niet.’

We horen veel over Buurtzorg Nederland. Heeft Jos de Blok de sleutel om de problemen in de wijkverpleging op te lossen?

‘Buurtzorg doet hele mooie dingen en heeft vooral de trots in het vak wijkverpleegkunde hersteld. De beroepsgroep zelf werkt hier ook hard aan. Maar of Buurtzorg de oplossing is van alle problemen valt te bezien. Die sleutel ligt ook in de handen van zorgverzekeraars. Die kunnen bijvoorbeeld beter wijkgericht gaan samenwerken met gemeenten en er voor zorgen dat de ICT-systemen van alle verschillende zorgorganisaties moeiteloos met elkaar schakelen. De overheid zou hier ook wat strenger op kunnen toezien.’  

De sleutel ligt ook in de handen van zorgverzekeraars

Download de factsheet Wijkverpleging

Borst en Gaemers zullen op basis van hun gesprek bij ons nog meer informatie inwinnen over de problemen in de thuiszorg.

Meer informatie? Neem contact op met:

JeannyExpert
Jeanny
Engels
Expert j.engels@vilans.nl 06 15 18 28 94
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl