'Zorgmanagers dreigen contact met werkvloer te verliezen'

Marieke van Wieringen en Henk Nies laten zien dat het voor managers mogelijk is om óók op afstand nabij te zijn. Het vraagt van managers en bestuurders dat zij zich laten zien, dat ze duidelijk zijn in hun communicatie en dat ze verzorgenden IG betrekken bij besluiten. Voor verzorgenden geldt op hún beurt dat het juist nu belangrijk is dat ze ‘niet klagen, maar vragen’.

27-10-2020

Marieke van Wieringen is postdoc onderzoeker aan de VU Amsterdam en Henk Nies professor aan de VU Amsterdam, lid van de Kwaliteitsraad en Vilans-directeur. Op zorgvisie.nl schrijven zij over dat managers en beleidsmedewerkers de afstand met de werkvloer dreigen te verliezen.

Contact op afstand

Managers en beleidsmedewerkers (hierna: beleidsmensen) in de wijkverpleging en verpleeghuiszorg werkten in de coronatijd vaak op afstand. Via e-mail en soms via beeldbellen of een vlog hielden zij ‘contact’ met zorgpersoneel. De afstand met de werkvloer werd er vaak groter door, zeker als we kijken naar de medewerkers die het verste van het management afstaan: verzorgenden IG. Zij vormen een grote en belangrijke beroepsgroep die voor het management vaak niet zichtbaar is, én die zichzelf ook niet zichtbaar maakt aan beleidsmensen. Hoe ging dat in de eerste coronagolf? En hoe kunnen beleidsmensen en verzorgenden elkaar in deze tweede golf vinden?

Hoe kunnen beleidsmensen en verzorgenden elkaar in deze tweede golf vinden?

Interviews

Als onderdeel van het onderzoek naar de stem en positie van de beroepsgroep van verzorgenden IG aan de Vrije Universiteit interviewden we de afgelopen weken 22 verzorgenden IG. We analyseerden met toestemming van de betrokkenen ook informatie uit twee WhatsApp-groepen (ruim 150 pagina’s tekst) waarin 28 verzorgenden IG uit de wijkverpleging en de verpleeghuiszorg sinds maart hun ervaringen delen over het werken in tijden van corona.

Lokaal de eerste golf ‘goed’ doorgekomen

Terugkijkend op de eerste golf zijn verzorgenden tevreden over hoe ze die met zorgvragers en collega’s hebben doorstaan: ‘We hebben het gezien de omstandigheden goed gedaan, met elkaar.’ Verzorgenden koesteren de onderlinge steun en toegenomen saamhorigheid onder collega’s: ‘We hebben het samen gedaan, dat heeft ons dichter bij elkaar gebracht.’

We hebben het tijdens de eerste golf samen gedaan, dat heeft ons dichter bij elkaar gebracht.

Onzichtbaarheid

De ervaren trots en lokale saamhorigheid onder het zorgpersoneel staan in schril contrast met de ervaren onzichtbaarheid en gebrek aan steun van beleidsmensen die een aantal verzorgenden ook noemden. Hoe voorkom je dat fysieke afstand de wederzijdse zichtbaarheid en betrokkenheid beperkt?

Top-down en vanaf een afstandje

De eerste golf leek de afstand die er al was in zorgorganisaties te vergroten. We schreven er al eens eerder over: voor veel verzorgenden IG zijn beleidsmensen vaak onzichtbaar en onbereikbaar, en andersom zijn verzorgenden voor veel beleidsmensen ook lang niet altijd in beeld.

Veel managers kozen voor top-down crisismanagement, zonder mensen van de werkvloer bij beslissingen te betrekken.
 

De ervaren afstand nam vaak nog toe omdat beleidsmensen meestal letterlijk buiten de deuren van ‘hun’ verpleeghuis of het kantoor in de wijk moesten blijven. Intuïtief ietwat paradoxaal, kozen veel ‘managers-op-afstand’ vooral aan het begin van de crisis voor top-down crisismanagement, zonder mensen van de werkvloer bij beslissingen te betrekken. Anders dan gebruikelijk vereiste de crisis immers snel doortastend optreden. Los van de vraag hoe wenselijk zo’n top-down sturing in deze omstandigheden is, is het in ieder geval essentieel om zo’n werkwijze uit te leggen aan de mensen op de werkvloer, zo bleek uit onze interviews.

Onduidelijkheid

Opvallend is dat de meeste verzorgenden begripvol zeiden: ‘Het management wist natuurlijk ook niet wat hen overkwam.’ Dat is waarschijnlijk waar. Maar ook dat kan je communiceren. De uitspraak ‘geen nieuws is goed nieuws’ ging dit keer vaak niet op. En geen nieuws zorgde bij veel verzorgenden voor onzekerheid en bezorgdheid. Zo bleef voor veel verzorgenden bijvoorbeeld lang onduidelijk wat zij moesten doen als er een besmetting van een zorgvrager of collega zou zijn. Ook waren ze bezorgd over of de organisatie genoeg beschermingsmiddelen had. Maar bovenal zorgde een gebrek aan zichtbaarheid en communicatie van beleidsmensen voor een ervaren gebrek aan steun van ‘hogerhand’, zo bleek uit onze interviews en de WhatsApp-berichten.

Lees het complete artikel op de website van Zorgvisie

Meer informatie? Neem contact op met:

HenkDirecteur strategie en ontwikkeling
Henk
Nies
Directeur strategie en ontwikkeling h.nies@vilans.nl 06 22 49 88 62
Profiel
Persvragen? Neem contact op met afdeling communicatie via 06 460 433 51 of pers@vilans.nl